Piet Fortuin (67) kan niet rustig richting zijn pensioen bij vakbond CNV: 'Jonge mensen komen straks niet meer in de WW'

zondag, 29 maart 2026 (07:59) - Dagblad van het Noorden

In dit artikel:

Piet Fortuin (67) vertrekt per 1 april als voorzitter van het christelijke vakverbond CNV, na een veertigjarige loopbaan binnen dezelfde organisatie. Fortuin, geboren in 1958 in Aldeboarn en ooit onderwijzer in Bedum, ruilde het klaslokaal vroeg voor vakbondswerk. Zijn carrière voerde hem van onderhandelaar in de harde context van de Rotterdamse haven — waar hij grote ontslagronden bij onder meer RDM en Unilever meemaakte — naar Drachten, waar hij vanaf 1997 opkwam voor medewerkers van Philips tijdens ingrijpende reorganisaties. Vanaf 2012 werkte hij op het CNV-hoofdkantoor in Utrecht; eerst als vicevoorzitter van CNV Vakmensen, daarna als voorzitter daarvan en vanaf 2024 als voorzitter van het hele CNV. Fortuin ziet het samenbrengen van de verschillende christelijke bonden onder één organisatie als een hoogtepunt van zijn werk. Hij woont in Drachten, heeft een vriendin, twee kinderen en vijf kleinkinderen.

Zijn afscheid valt in een roerige periode. Fortuin leidde de CNV tot 31 maart 23.59 uur en bleef juist tot het einde actief omdat het kabinet-Jetten en het bijbehorende coalitieakkoord volgens hem een “forse ingreep in de sociale zekerheid” vormen. De voorgestelde maatregelen raken AOW, arbeidsongeschiktheid en de WW: de WW zou teruggaan van 24 naar 12 maanden, met een halvering van de opbouw (een halve maand per gewerkt jaar) en strengere wachtvoorwaarden (veertig weken). Ook daalt de dagloonbepaling, wat volgens Fortuin vooral jonge en flexibele arbeidskrachten hard treft. De CNV heeft in reactie al symbolisch het Haagse Malieveld “gereserveerd”, werkt met andere vakbonden aan een ultimatum en sluit zowel lenteacties als grotere demonstraties in het najaar niet uit.

Fortuin legt uit dat de schok van het akkoord extra groot was omdat gesprekken tijdens de formatie aanvankelijk constructief leken; de uiteindelijke tekst van het akkoord viel daarom tegen. Hij zegt dat ministers persoonlijk prima bereikbaar zijn, maar dat politieke bereidheid tot inhoudelijke bijstelling ontbreekt zolang de maatregelen niet van tafel gaan. Zijn analyse wijst ook op politieke versnippering en kortetermijnpolitiek, wat volgens hem het oplossen van grote dossiers belemmert; in zijn ervaring wisselen kabinetten te vaak en duurt beleidscontinuïteit te lang.

Gedurende zijn loopbaan heeft Fortuin een sterke nadruk gehouden op solidariteit en het poldermodel. Hij constateert dat het collectieve ‘wij-gevoel’ van de vakbeweging in de jaren negentig is teruggedrongen door flexibilisering en neoliberale politiek, maar signaleert nu weer een kentering: het CNV groeit weer, onder meer met jongere leden die de verbinding zoeken. Fortuin waarschuwt voor een groeiende onderklasse door doorgeschoten flexibilisering — Europese koppositie in flexwerk, veel zzp’ers en kwetsbare arbeidsmigranten — en vindt dat lasten niet bij de zwaksten mogen landen.

Persoonlijk zegt Fortuin dat hij zijn werk met veel autonomie en betrokkenheid heeft gekoesterd — “Ik trap graag met de voet stevig op het gaspedaal,” — maar dat hij de pensioensgerechtigde leeftijd respecteert. Zijn opvolger is Hans van den Heuvel, voormalig algemeen directeur van LTO Nederland; Fortuin adviseert hem het “heilige vuur” te bewaren en stevig te blijven strijden voor een sociaal rechtvaardiger beleid. Na zijn vertrek wil Fortuin zich inzetten voor Exodus, een organisatie die gedetineerden bij re-integratie ondersteunt.