Pierre-Laurent Aimard erft de legendarische status van de componisten die hij speelde

woensdag, 2 september 2026 (13:29) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

De bijna zeventigjarige Franse pianist Pierre-Laurent Aimard blijft zich intensief verdiepen in nieuwe muziek. In het seizoen 2026-2027 staat hij centraal in de serie Focus op Aimard van het Amsterdamse Muziekgebouw, waarvoor hij vier concerten samenstelde. Die programma’s verbinden bekende werken met vergeten repertoire en gloednieuwe composities, vanuit een organisch verband tussen de stukken.

Aimards belangstelling voor eigentijdse muziek begon al in zijn jeugd in Lyon. Als achtjarige studeerde hij Schönberg en later ontmoette hij Olivier Messiaen, bij wiens echtgenote Yvonne Loriod hij in Parijs piano studeerde. Hij werd medeoprichter van het Ensemble intercontemporain van Pierre Boulez en werkte samen met componisten als Messiaen, Boulez, Kurtág, Ligeti, Carter en Stockhausen. In premières en repetities leerde hij hoe belangrijk het is de bedoelingen van een componist nauwkeurig te realiseren. Zo brak hij voor Kurtág tientallen wijnglazen om precies het gewenste geluid te produceren.

Voor Aimard staat de uitvoerder in dienst van het kunstwerk. Wie vooral maximale vrijheid zoekt, kan volgens hem beter anarchist worden. Dat betekent niet dat hij mechanisch speelt: bij nieuwe partituren combineert hij intuïtie en analyse en onderzoekt hij de culturele, emotionele en fysieke achtergronden van een werk. Zijn doel is steeds om zo dicht mogelijk bij de visie van de componist te komen.

Het eerste Muziekgebouw-concert, ‘Franse lijnen’, draait om de invloed van Messiaen. Aimard speelt onder meer Ravels Gaspard de la nuit, werken van Nikolaj Oboechov en George Benjamin, met Benjamin zelf in diens vierhandige Divisions, en een Nederlandse première van Thomas Lacôtes Cahier de filigranes. Lacôte is organist van de Parijse Sainte-Trinité, waar Messiaen decennialang speelde.

In het tweede programma verdedigt Aimard het volgens hem verkeerd begrepen oeuvre van Arnold Schönberg. Schönbergs Fantasie voor viool en piano, uitgevoerd met Thomas Zehetmaier, wordt gecombineerd met muziek van Schumann en Elliott Carter. Het verband ziet Aimard in hun fantasie en complexe polyfonie. Hij wil luisteraars bevrijden van vooroordelen over Schönberg en hen laten horen hoe intens en muzikaal diens werk is.

Het derde concert legt de nadruk op het heden, met twee premières: All That Dust van Rebecca Saunders en een wereldpremière van Mathias Spahlinger. Aimard speelt daarnaast met Ensemble Musikfabrik in Carters Dubbelconcert voor piano en klavecimbel. Minimal music ontbreekt bewust in zijn repertoire: hij vindt het belangrijk een eigen artistieke identiteit te behouden en niet alles te willen uitvoeren.

De reeks eindigt met Beethovens Hammerklaviersonate, gekoppeld aan muziek van Charles Ives. Aimard ziet Beethoven als een revolutionaire vernieuwer die de muzikale taal van zijn tijd op zijn kop zette. Ook zijn nieuwe Beethoven-cd, The Avant-Gardist, verschijnt in het voorjaar van 2027. Voor Aimard biedt elke generatie een nieuwe blik op beroemde werken. De vier concerten vormen daarom een ontdekkingstocht van het verleden via de avant-garde naar de toekomst. Op het podium wil hij de toestand van de wereld verbinden met het publiek in de zaal.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Jesse Klaver tegen Wilfred Genee In de Wandelgangen: 'Dat ga ik je hier niet zeggen!'