Pete Hegseth toont zich op D-Day een vijand, net als Poetin

zondag, 7 juni 2026 (09:37) - Joop

In dit artikel:

Bij de herdenking in Normandië ter gelegenheid van 82 jaar D-Day gebruikte Pete Hegseth, de Amerikaanse minister van Oorlog, zijn toespraak om harde noten te kraken richting bondgenoten en tegelijk scherpe, volgens de auteur racistische, vergelijkingen te maken. Hegseth prees de slag van 1944 als bewijs dat landen samen moeten “hun deel doen”, waarschuwde dat vrijheid een prijs heeft en stelde vervolgens dat het hedendaagse Europa opnieuw wordt ‘bestormd’ — niet door legers, maar volgens hem door “gevaarlijke ideologieën” en mensen die per boot aankomen in landen als Spanje, Italië, Griekenland en Bulgarije. Daarmee, betoogt de schrijver, repliceert Hegseth overtuigingen van extreemrechts en mengt hij zich ongepast in de binnenlandse politiek van NAVO-partners.

De auteur noemt die retoriek schandelijk en in strijd met waar de D-Day-soldaten voor vochten; Hegseth wordt afgeschilderd als een tegenstander van vrijheid en democratische waarden, zelfs vergeleken met Putin. Wel wijst de tekst erop dat Amerikaanse publieke opinie volgens peilingen steeds kritischer staat tegenover dergelijke standpunten, en dat gewone Amerikanen niet als de vijand gezien moeten worden.

Tenslotte benadrukt de schrijver dat binnenlandse kwesties in Nederland niet vergeten mogen worden: het toeslagenschandaal en de voortdurende problemen rond de Groningse gaswinning verdienen blijvende aandacht, evenals recente compensatieregelingen in Friesland. De tekst sluit met een verwijzing naar de podcast Het Geheugenpaleis voor verdere duiding.