Pensioengat van honderden miljoenen veroorzaakt door dubieuze interpretatie van Pensioenwet
In dit artikel:
Tienduizenden werknemers tussen 40 en 66 jaar kunnen dit jaar een aanzienlijk pensioengat oplopen als zij van baan wisselen. Volgens berekeningen van pensioenadviseur Aon kan het verlies, afhankelijk van leeftijd en salaris, meer dan 30.000 euro bedragen. Omdat het om enkele tienduizenden werknemers gaat, kan de totale schade in de honderden miljoenen lopen. Follow the Money sprak hierover met pensioenexperts.
De problemen ontstaan door de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel. Daarbij verdwijnen de individuele voordelen van de zogenoemde doorsneesystematiek, waarbij jongere werknemers indirect meebetaalden aan de pensioenopbouw van oudere collega’s. Werknemers van ongeveer 40 tot 66 jaar krijgen daarom compensatie. Pensioenfondsen stappen echter niet gelijktijdig over: sommige fondsen, zoals Pensioenfonds Zorg en Welzijn, deden dat al begin 2025, terwijl het ABP pas in 2027 volgt.
Wie vertrekt bij een fonds dat nog niet is overgegaan en vervolgens toetreedt tot een fonds dat de overstap al heeft gemaakt, kan daardoor geen compensatie krijgen. Een werknemer die bijvoorbeeld van het ABP naar Zorg en Welzijn gaat, mist de compensatie bij het nieuwe fonds, terwijl het oude fonds die niet heeft uitgekeerd. Het omgekeerde kan leiden tot dubbele compensatie. Ook mensen die tijdelijk uit dienst gaan, minder gaan werken of worden ontslagen kunnen worden geraakt.
Volgens artikel 150f van de Pensioenwet hebben nieuwe deelnemers recht op deelname aan de compensatieregeling van hun nieuwe fonds. In de toelichting staat dat de compensatie tijdens een periode tot uiterlijk eind 2036 gespreid moet kunnen worden toegekend, juist om latere toetreders niet te benadelen. Voormalig minister Carola Schouten zei eerder dat werkgevers niet alleen bestaande werknemers compensatie mogen geven.
Toch kozen werkgeversorganisaties en vakbonden, die de uitvoering van de pensioenwet mede bepalen, bij de meeste fondsen voor een eenmalige uitkering op het moment dat het fonds overstapt. Werknemers die pas daarna toetreden, krijgen dan niets. Pensioenhoogleraar Mark Heemskerk noemt deze aanpak moeilijk te verenigen met de bedoeling van de wet. Pensioenjurist Corey Dekkers stelt dat gespreide compensatie juist verplicht is in het belang van deelnemers.
Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) verdedigt de gekozen aanpak. Volgens het ministerie mag de compensatieperiode ook slechts één dag duren, waardoor eenmalige compensatie mogelijk zou zijn. Experts vinden dat een ruime en juridisch kwetsbare interpretatie. SZW en de sociale partners zeggen al langer van het probleem te weten, maar hebben vóór 2025 geen oplossing gevonden. Minister Hans Vijlbrief heeft inmiddels regeringscommissaris en hoogleraar Fieke van der Lecq om uitvoerbare oplossingen gevraagd; haar advies wordt in november verwacht.
De voorlichting aan werknemers was lange tijd beperkt. De website Pensioenduidelijkheid.nl waarschuwde aanvankelijk niet concreet voor de financiële gevolgen van een baanwissel. SZW paste de informatie in april aan na politieke ophef. Ook het ABP waarschuwt wel dat compensatie kan vervallen bij uitdiensttreding, maar legt volgens het onderzoek niet duidelijk uit dat een overstap naar een ander fonds tot een groot verlies kan leiden. Zorg en Welzijn publiceerde wel specifieke informatie.
Werkgevers en vakbonden wijzen op de administratieve complexiteit van gespreide uitbetaling, omdat fondsen jarenlang de benodigde bedragen moeten berekenen en werknemers- en werkgeversgegevens kunnen wijzigen. Fondsen als Pensioenfonds Horeca & Catering en PGB laten echter zien dat deze werkwijze uitvoerbaar is. Of gedupeerden juridische stappen ondernemen, is nog onzeker; experts waarschuwen dat de kwestie grote maatschappelijke gevolgen kan hebben.
Vandaag Inside: René van der Gijp geniet van héérlijke oude beelden na nieuws over tv-terugkeer 'Ik Geloof in Mij'