Paul reed de zoon van Wilma dood, nu zijn ze vrienden: 'Zag een gebroken man'

zondag, 22 maart 2026 (08:31) - RTL Nieuws

In dit artikel:

Op een donkere, regenachtige avond op 2 februari 2006 reed Paul (nu 69) in Hilversum een bestelwagen over een jongen heen die later bleek te zijn bezorger Mark, de zoon van Wilma (nu 72). Rond 18.00 uur naderde Paul een voorrangskruising; hij zegt dat hij gestopt en goed heeft gekeken, maar toen hij wegreed voelde hij plotseling een schok. Even later vond hij Mark onder zijn auto. Hulpdiensten konden het leven van de jongeman niet meer redden.

Twee dagen later — op 4 februari 2006 — bracht Slachtofferhulp Paul en Wilma bij elkaar. De ontmoeting, aanvankelijk beladen en emotioneel, was het begin van een ongewone, langdurige band. Beide wilden weten wat er precies was gebeurd; niemand kon die vraag met zekerheid beantwoorden. Onderzoek wees op remsporen die mogelijk van de scooter van Mark konden zijn geweest, wat leidde tot de hypothese dat hij geremd en gevallen was en vervolgens onder de auto van Paul is geschoven. Maar hoe en waarom dat precies gebeurde, blijft onduidelijk en blijft vooral Paul achter met het gevoel dat hij iemands dood op zijn geweten heeft zonder het precieze verloop te kennen.

Voor Wilma veranderde het verlies haar beeld van haar zoon: waar zij hem altijd als een pittige puber zag, verschenen na zijn dood talloze verhalen over zijn behulpzaamheid en moed — van het beschermen van een gepeste klasgenoot tot het troosten van een meisje met zelfmoordgedachten. Die verhalen, en kleine gebaren van buurtbewoners (zoals een ketting die een klasgenoot op het graf hing), drukten hoe groot zijn invloed was in de omgeving.

De juridische nasleep duurde twee jaar: Paul werd aangeklaagd voor dood door schuld. Wilma ging naar de rechtszaak en pleitte voor erkenning van het menselijke leed aan alle kanten; de rechter sprak Paul vrij van de doodsvraag maar legde hem wel een boete van 500 euro op voor het niet verlenen van voorrang. Die uitspraak voelde voor velen, en ook voor Paul en Wilma, dubbelzinnig en onbevredigend: hoe kon iemand niet verantwoordelijk gehouden worden voor een dodelijk ongeval maar wel voor het niet verlenen van voorrang als men beweerde de ander niet te hebben gezien?

De emotionele tol voor Paul was groot. Na het ongeluk kampte hij met schuldgevoel, depressieve periodes en het gevoel dat hij voortaan als "iemand die een zoon doodreed" gezien zou worden. Hij zocht uiteindelijk een manier om met die last om te gaan door zich nuttig te maken: vrijwilligerswerk, het bouwen van een keuken voor een kindertehuis in Suriname en lokale activiteiten. Hij zegt dat hij misschien geen juridische schuld droeg aan Marks dood, maar wel een soort "schuld aan het leven" ervoer, die hij probeerde te verzachten door anderen te helpen.

De relatie tussen Wilma en Paul groeide in de jaren na het ongeluk verder: ze bleven afspreken, wandelen en lange gesprekken voeren. Paul nam later zijn vrouw mee naar bijeenkomsten; Wilma hertrouwde in 2017 en Paul en zijn vrouw waren aanwezig. De vriendschap is expliciet niet romantisch maar diep en steunend: Wilma vond in hem iemand bij wie ze alles kon delen en die het wederzijds vermogen toonde om te vergeven en verder te leven, al bleef de verwerking langzaam en nooit helemaal af.

Niet iedereen verwerkte het op dezelfde manier: Marks vader, Jan, reageerde aanvankelijk fel en hield Paul verantwoordelijk; met tijd en gesprekken ontstond er later meer acceptatie. Wilma vond daarnaast steun bij andere ouders die een kind hebben verloren via de stichting Ouders van een Overleden Kind (OOK) — relaties die naar verloop van jaren veranderden van rouwvereenkomst naar gewone vriendschappen over vakanties en kleinkinderen.

Mark blijft een aanwezige factor in het leven van zowel zijn moeder als Paul. Hun gesprekken gaan inmiddels ook over alledaagse zaken, maar zijn nalatenschap—zijn vriendelijkheid en betrokkenheid—blijft het perspectief bepalen waarmee zij hun levens invullen. Het verhaal werd gepubliceerd als zondaginterview, waarin bijzondere persoonlijke verhalen worden belicht; de redactie nodigt lezers uit om vergelijkbare kandidaten te melden.