Parade van Pen: de vermogensverdeling in 2024

maandag, 19 januari 2026 (15:16) - CBS

In dit artikel:

De parade van dwergen en reuzen, bedacht door econoom Jan Pen in 1971, visualiseert de vermogensverdeling in Nederland door bijna 8,3 miljoen huishoudens in één uur voorbij te laten trekken in volgorde van hun nettovermogen; de lengte van elk “persoon” staat evenredig met dat vermogen (het gemiddelde huishouden krijgt 1,74 m). Een vermogen van 1 miljoen euro vertaalt zich in deze opstelling ongeveer naar 5 meter lengte.

De optocht begint ondergronds: in de eerste acht minuten lopen huishoudens met negatief vermogen voorbij, vooral werkende gezinnen met een hypotheek die hoger is dan de woningwaarde en een aanzienlijke groep zelfstandigen. Tot de 13e minuut verschijnen uiterst korte “dwergen” met hooguit circa 2 duizend euro vermogen; zij zijn vaak afhankelijk van een uitkering. In de eerste helft van de stoet nemen gepensioneerden met bescheiden spaarpotjes een groter aandeel. Halverwege (na een half uur) hebben huishoudens gemiddeld ongeveer 127,7 duizend euro (ongeveer 67 cm in lengte); het gemiddelde vermogen van 333,5 duizend euro passeert pas rond de 43e minuut.

Vanaf ongeveer de 27e minuut domineren huiseigenaren: de eigen woning is voor veel huishoudens het belangrijkste vermogensbestanddeel. In de staart van de stoet zitten vooral oudere huishoudens die hun hypotheek grotendeels hebben afbetaald; jonge huiseigenaren met hoge hypotheken kwamen al eerder en kunnen bij stijgende huizenprijzen flink “in lengte” toenemen.

De laatste minuten tonen een snelle toename in lengte: 452 duizend huishoudens met een miljoen euro of meer verschijnen in de laatste drie minuten en bereiken makkelijk meer dan 6 meter. De allerlaatste minuut bevat de echte reuzen (rond 30 m); die groep heeft een gemiddeld vermogen van circa 5,8 miljoen euro en bezit ongeveer 29% van het totale vermogen. Bijna één op de acht in die topgroep is zelfstandig ondernemer.

Om de ongelijkheid in één cijfer samen te vatten wordt vaak de Gini-coëfficiënt gebruikt (0 = volstrekte gelijkheid, 1 = maximale ongelijkheid). In 2024 bedroeg deze 0,725, vrijwel onveranderd ten opzichte van het jaar ervoor. De vermogensongelijkheid nam tussen 2015 en 2022 af, grotendeels door de sterke stijging van huizenprijzen, die de vermogenspositie van veel huiseigenaren verbeterde.