Palestijnse vlaggen en boegeroep tegen Israël toegestaan bij Songfestival
In dit artikel:
De Oostenrijkse omroep ORF heeft tijdens een persconferentie in Wenen bekendgemaakt dat zij bij het Eurovisiesongfestival 2026 geen Palestijnse vlaggen zal verbieden en ook niet zal ingrijpen bij boegeroep of andere hoorbare protesten tijdens optredens, onder meer die van Israël. ORF zegt geen geluid te zullen manipuleren en geen kunstmatig applaus toe te voegen; reacties uit de zaal blijven dus hoorbaar voor tv-kijkers. Uitvoerend producent Michael Krön stelde dat de omroep “dingen wil laten zien zoals ze zijn.”
Het festival vindt plaats van 12 tot en met 16 mei 2026 in Wenen en telt 35 deelnemende landen — het laagste aantal in meer dan twintig jaar. De beslissing van ORF vormt een bewust breuk met eerdere edities: in 2024 in Zweden waren Palestijnse vlaggen verboden, terwijl in 2025 in Basel alle vlaggen werden toegelaten maar artiesten alleen de vlag van hun eigen land mochten gebruiken.
De stap hangt samen met felle politieke spanningen rond de deelname van Israël. Enkele publieke omroepen, waaronder AVROTROS en omroepen uit Ierland, IJsland, Spanje en Slovenië, wilden Israël weren vanwege de oorlog in Gaza; nadat uitgesloten worden niet doorging, trokken sommige omroepen zich terug. België (RTBF) doet wel mee. ORF legt nu de nadruk op het tonen van alles wat in de zaal gebeurt, binnen wettelijke en veiligheidsgrenzen voor vlaggen en formaat.