Palestijnse handelaren sluiten hun deuren, gedwongen door weer een Israëlische oorlog
In dit artikel:
De oorlog tussen Israël en Iran heeft directe en verstrekkende gevolgen voor Palestijnen in Israël, op de bezette Westelijke Jordaanoever en in de Gazastrook. In de oude binnenstad van Jeruzalem staan veel winkels dicht; alleen enkele groentewinkels blijven open. Ambachtszaken die al generaties draaien — zoals de winkel van Mohammad (34), waar sinds 1938 tapijten en leren tassen worden verkocht — zien hun omzet instorten. Mohammad schat dat zijn inkomen de afgelopen jaren met zo’n 85% is gedaald; sluitingen treffen ook producenten op de Westelijke Jordaanoever die van die handel afhankelijk zijn.
In Israël is het openbare leven grotendeels tot stilstand gekomen: scholen, winkelcentra (behalve supermarkten), restaurants en niet-essentiële winkels zijn gesloten en tien miljoen inwoners leven onder noodmaatregelen. In de Westelijke Jordaanoever blokkeert het Israëlische leger steeds vaker toegangswegen voor naar schatting drie miljoen Palestijnen, formeel om veiligheidsredenen. In Jeruzalem zijn rond de Damascuspoort tijdelijke militaire posten en strengere ID-controles; veel winkeliers worden bij controle de toegang geweigerd en mannen onder 55 worden vaak tegengehouden bij de Al-Aqsamoskee tijdens de ramadan.
Aanvallen en arrestaties nemen toe: Israëlische militairen voerden nachtelijke invallen uit in meerdere Palestijnse steden en arresteerden tientallen mensen, waaronder vrouwen en kinderen. Ook kwamen in het dorp Qaryout recent twee Palestijnse broers om door schietincidenten met kolonisten.
In Gaza groeit de vrees voor een nieuwe humanitaire ramp. Direct na de eerste aanvallen werden alle grensovergangen gesloten; sindsdien zijn ze slechts gedeeltelijk heropend en medische patiënten krijgen vaak geen doorgang. Lokale getuigen spreken van een veel te lage aanvoer: soms slechts zo’n veertig vrachtwagens per dag voor ruim twee miljoen mensen. Brandstof, medicijnen en basisvoedsel zijn schaarser geworden, waardoor het risico op honger toeneemt.
De onzekerheid raakt ook culturele en economische projecten: kunstenaar en verzamelaar Rami zag een geplande Palestijnse tentoonstelling in Qatar onzeker worden en verloor al een grote investering. Veel bewoners durven niet vrijuit spreken uit angst voor repressie op sociale media of harde repercussies.
De gecombineerde effecten van handelsstilstand, reisbeperkingen, militair optreden en afgeknepen hulpstromen vergroten economische ontwrichting en menselijke nood onder Palestijnen. Mohammad vat de situatie samen: “Niemand wint in een oorlog.”