Ozempic-boetes voor kranten zijn een juridische dwaling

vrijdag, 28 augustus 2026 (07:58) - De Volkskrant

In dit artikel:

Jetse Sprey en Peter Olsthoorn vinden dat de boetes voor De Volkskrant, NRC, het Algemeen Dagblad, De Stentor en Flair juridisch geen stand houden. De media publiceerden artikelen over afslankmiddelen, waarna de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) oordeelde dat sommige passages verboden geneesmiddelenreclame waren.

Volgens de auteurs leidt de aanpak van de IGJ tot zelfcensuur. Ambtenaren zouden journalisten en redacties telefonisch of schriftelijk benaderen over de grenzen van medische berichtgeving. Voorzichtigheid met enthousiaste beschrijvingen van medicijnen kan volgens Sprey en Olsthoorn verstandig zijn, maar een redactie mag niet zonder meer worden behandeld als een fabrikant die commerciële reclame maakt.

De Geneesmiddelenwet verbiedt reclame met als doel het voorschrijven, afleveren of gebruik van een geneesmiddel te stimuleren. De auteurs benadrukken dat het journalistieke doel doorgaans informeren of amuseren is. In een vonnis uit april 2026 over Flair en De Stentor stelde de rechter dat juist het doel bepalend is om reclame van gewone informatie te onderscheiden. Tegelijk concludeerde de rechtbank bij een Flair-artikel over Ozempic dat de publicatie bedoeld was om het gebruik van het middel te bevorderen, mede vanwege het mogelijke effect op lezers.

Sprey en Olsthoorn noemen die redenering onjuist, omdat daarmee het doel van een publicatie wordt verward met het gevolg ervan. Dat lezers na een artikel mogelijk vaker om Ozempic vragen, bewijst volgens hen niet dat de redactie reclame wilde maken. Als een medium betaald zou zijn voor promotie, moet dat volgens hen aantoonbaar zijn.

Ook verwijzen zij naar een uitspraak van het Hof van Justitie uit 2011, waarin wordt benadrukt dat voor het onderscheid tussen informatie en reclame naar de doelstelling moet worden gekeken. De Reclame Code Commissie behandelde een klacht over een artikel in De Stentor evenmin, omdat het als onafhankelijke journalistiek werd gezien.

De auteurs vinden medische journalistiek wel gebaat bij terughoudend taalgebruik, maar achten de beboete uitingen niet in strijd met de Geneesmiddelenwet. Zij verwachten dat de uitspraak in hoger beroep wordt vernietigd en waarschuwen voor aantasting van de persvrijheid.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Estavana Polman stellig over babynaam In de Wandelgangen: ‘Dat wordt het niet…’