Overheid gaat in hoger beroep tegen uitspraak natuurbescherming op zee
In dit artikel:
21 januari 2026 — De Nederlandse staat en vier gasbedrijven gaan in beroep tegen een vonnis van de rechtbank Gelderland uit december dat oordeelde dat het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat onvoldoende doet om drie beschermde Noordzeegebieden echt te beschermen. Het gaat om de Friese Front, de Klaverbank en de Doggersbank, gebieden die fungeren als kraamkamers, voortplantings- en voedselgronden voor tal van vissen, zeezoogdieren en zeevogels.
Stichting Doggerland en ARK Rewilding Nederland hadden de rechter vorig jaar ervan overtuigd dat de bestaande beheerplannen te veel schadelijke activiteiten toestaan en dat er te weinig onderzoek is gedaan naar hun effecten op de beschermde natuur. De rechter vernietigde daarop de beheerplannen, waardoor diverse vrijstellingen kwamen te vervallen en schadelijke praktijken in principe direct niet meer zijn toegestaan. Tot die praktijken behoorden onder andere oliewinning en bijbehorende lozingen (in de beheerplannen stond bijvoorbeeld een maximale lozing van tot 30 miljoen liter afvalwater per boorplatform per jaar), schelp- en zandwinning, sonargebruik, schietoefeningen en het laten ontploffen van explosieven. Deze stoffen en activiteiten zijn schadelijk voor het bodemleven, vissen en soorten als bruinvis, grijze en gewone zeehond.
De staat en de bedrijven Petrogas, ENI, NOGAT en NoordGasTransport stappen nu naar het gerechtshof, een stap die natuurorganisaties betreuren omdat die het herstel van de gebieden vertraagt en extra kosten met zich meebrengt. ARK en Doggerland willen juist dat de uitspraak wordt benut om samen met overheid, bedrijfsleven en wetenschap nieuwe, strenge beheerplannen op te stellen die rust en ruimte bieden zodat natuur zich kan herstellen. De organisaties benadrukken dat de drie plekken, ondanks decennialange achteruitgang, nog steeds essentiële voortplantings- en voedselgebieden herbergen voor soorten als haaien, roggen, kabeljauw, makreel, haring, diverse zeevogels en kleine walvissen — en daardoor geschikt zijn als startpunten voor grootschalig natuurherstel in de Noordzee.