Oud-minister Bussemaker over vergrijzing: 'Alle ouderen apart ergens zetten, dat kán helemaal niet. Een kwárt van alle Nederlanders!'
In dit artikel:
De Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS), onder leiding van Jet Bussemaker, waarschuwt in het rapport Het rimpeleffect dat vergrijzing een “méga-thema” is dat niet alleen bij VWS thuishoort. Over ongeveer vijftien jaar is naar verwachting een kwart van de Nederlanders 65-plus; dat raakt wonen, werk, vervoer, lokale voorzieningen en de hele samenhang in beleid en samenleving. Het RVS-publicatiepunt deze maandag richt zich daarom op de noodzaak van samenhangende politiek en praktijk.
Het kabinet en gemeenten denken wel na over extra ouderenwoningen — het doel van circa 290.000 woningen voor ouderen in 2030 wordt genoemd — maar woningen alleen volstaan niet. Belangrijker zijn de leefomgeving en nabijheid van voorzieningen: huisarts, apotheek, winkels, bushaltes en geldautomaten. Zonder die infrastructuur blijven ouderen vaak sociaal en praktisch geïsoleerd, aldus het rapport. In krimpgebieden is dat probleem extra nijpend; het RVS juicht plannen toe die provincies meer ruimte geven om openbaar vervoer te organiseren of zelfs eigen vervoersbedrijven op te zetten, en verwijst naar regionale initiatieven zoals woonzorgzones in de Achterhoek, waarmee buitengebiedbewoners kunnen verhuizen naar dorpskernen met betere zorgtoegang.
Bussemaker hekelt de verkokering van beleid: verantwoordelijkheden liggen nu vooral bij VWS, terwijl ook Sociale Zaken, Volkshuisvesting en Financiën betrokken moeten zijn. Die versnippering leidt tot tegenstrijdige prikkels — meer werken vragen aan burgers én tegelijk meer mantelzorg verwachten — en vraagt om een overkoepelende visie. Het RVS doet concrete voorstellen: fiscale compensatie voor mantelzorgers die minder betaald werk doen, werkgevers stimuleren om tijdsbesparende diensten voor mantelzorgers te faciliteren, en culturele of lokale activiteiten die zowel hulpontvangers als hun verzorgers ondersteunen.
De raad roept politiek en bestuur op tot thematisch denken — bijvoorbeeld bij de regeringsformatie na 29 oktober — maar benadrukt ook dat de samenleving niet mag wachten op politieke doorbraken. Lokale, vaak vrijwilligersgedragen oplossingen (dorpswinkels in Zeeland, dorpsauto’s in de Betuwe, buurthuizen) tonen dat ouderen vaak ook zelf bijdragers zijn aan het sociale weefsel. De oproep is helder: maak dorpskernen en steden aantrekkelijk en toegankelijk voor alle leeftijden, verbind beleid over ministeries heen en ondersteun lokale initiatieven, zodat vergrijzing geen probleem van één ministerie maar een opgave voor de hele samenleving wordt.