Oud-Kamervoorzitter Arib en topambtenaar Van Koesveld getuigen op derde dag corona-enquête

woensdag, 3 juni 2026 (07:03) - NRC Handelsblad

In dit artikel:

In de eerste volledige week van de parlementaire enquête naar het Nederlands coronabeleid ligt de aandacht op het begin van de pandemie. Deze woensdag worden oud-Tweede Kamervoorzitter Khadija Arib en topambtenaar Ernst van Koesveld gehoord. Arib stond aan het hoofd van de Kamer toen begin 2020 het openbare werk grotendeels stilviel: plenaire zittingen werden teruggebracht tot één of twee debatten over corona en later besloot het presidium onder haar leiding soms opnieuw beperkingen op de Kameragenda. Ze probeerde herkozen te worden als voorzitter, verloor die strijd in 2021 aan PVV’er Martin Bosma, bleef Kamerlid en leidde in juni 2022 de tijdelijke commissie die de enquête voorbereidde. Na klachten over haar gedrag vroeg het presidium extern onderzoek; Arib trad vervolgens terug als Kamerlid en werd in de commissie opgevolgd door VVD’er Mariëlle Paul.

Van Koesveld was tijdens de eerste golf directeur-generaal Langdurige Zorg en daarmee de hoogste ambtenaar verantwoordelijk voor de aanpak in verpleeghuizen. De eerste golf trof bewoners van verpleeg- en verzorgingshuizen bijzonder zwaar: er kwam een totaal bezoekverbod, het virus verspreidde zich snel en medewerkers hadden vaak onvoldoende beschermingsmiddelen. Reconstructies toonden aan dat werkgevers in de ouderenzorg al eind februari 2020 om meer beschermingsmiddelen en testcapaciteit hadden gevraagd, maar vaak achtergesteld werden ten opzichte van ziekenhuizen binnen regionale verdelingen. Van Koesveld was intensief betrokken bij die overleggen en moet zich verantwoorden over de prioritering en de naar buiten toe vaak terughoudende of onduidelijke richtlijnen die het ministerie via het RIVM aan instellingen gaf.