Oud-directeur Harry Tupan (67) van Drents Museum voelt 'zoveel warmte' nu gouden topstukken boven water zijn. 'Ik heb altijd hoop gehouden'

donderdag, 2 april 2026 (21:13) - Dagblad van het Noorden

In dit artikel:

Harry Tupan (67), voormalig directeur van het Drents Museum, beleefde donderdagochtend plots een emotioneel keerpunt toen hij tijdens een verhuizing in Amsterdam werd gebeld: de Coțofenești‑helm en twee van de drie gouden armbanden uit de Roemeense buit waren teruggevonden. De vondst werd later die dag in het museum onthuld voor het personeel; Tupan en zijn opvolger Robert van Langh toonden de schatten samen en vielen elkaar in de armen van opluchting.

De kunstroof van ruim veertien maanden geleden had het museum en Tupan persoonlijk zwaar geraakt. Als leidinggevende voelde hij zich eindverantwoordelijk en worstelde lange tijd met schuldgevoel en publieke kritiek op de beveiliging. Die periode beschreef hij als een diep dal: elke ochtend werd hij gewekt door gedachten aan de verdwenen helm. Na ongeveer een halfjaar kreeg hij meer rust, maar onzekerheid bleef of de stukken ooit zouden terugkeren.

Tupan roemt de rol van zijn opvolger bij de terugvinding en bleef afwezig bij de persconferentie omdat hij geen functie meer heeft en Van Langh het goed heeft gedaan. Tegelijkertijd leeft bij hem een zorg voor Ernest Oberländer‑Târnoveanu, de ontslagen directeur van het Roemeens Historisch Museum; Tupan hoopt op rehabilitatie voor diens inzet rond de zaak.

Nu de belangrijkste objecten terug zijn, ervaart Tupan veel steun: honderden berichten en warme reacties op straat geven hem troost. Voor hem is de grootste voldoening dat de roofstukken weer beschikbaar zijn voor de mensen in Roemenië, en dat het Drents Museum na maanden van pijn weer iets om te vieren heeft.