Organisaties doen dringende oproep aan Kamer: trek bij Nederlandse torenhoge verkeersboetes aan de rem
In dit artikel:
Diverse maatschappelijke organisaties en overheidsinstanties waarschuwen de Tweede Kamer dat verkeersboetes steeds meer worden ingezet als inkomstenbron, met schadelijke bijeffecten. Sinds 2005 zijn boetetarieven in Nederland gemiddeld ruim verdubbeld; beleidsmatige verhogingen zonder inflatiegrondslag vormen meer dan de helft van die stijging. Volgens het CJIB leverde de toegenomen bekeuringen de staatskas in 2025 bijna een miljard euro op.
Het grootste knelpunt is de systematiek van verhogingen bij niet-betalen: opeenvolgende toeslagen van 50 en 100 procent kunnen een boete van honderd euro tot driehonderd euro opdrijven. Het CJIB en het Juridisch Loket signaleren dat zulke opslagen vooral kwetsbare groepen in betalingsproblemen en schulden storten. Het WODC wijst erop dat dit geen onvermijdelijk gevolg is, maar een politieke keuze: boetes dienen gedragsbeïnvloeding, niet begrotingsvulling.
Meerdere instanties, zoals de Raad voor de Rechtspraak, dringen er bij kabinet-Jetten op aan het systeem te herzien. Moties om indexatie te stoppen of boetes te verlagen kregen Kamerbreed steun, maar het kabinet weigert uit voerbaarheidsoverwegingen: een verlaging van 30 procent zou jaarlijks naar schatting circa 300 miljoen euro schelen; ook het schrappen van inflatiecorrectie kost tientallen miljoenen.
Tegelijk ligt bij de Hoge Raad een zaak over de proportionaliteit van de wettelijke verhogingen bij niet-betalen. Een nadelige uitspraak kan de regering dwingen het beleid te veranderen. Kritiek in de Kamer is scherp — van Nispen zei eens dat je “beter een flitspaal kunt slopen dan er te hard langsrijden” — en de discussie draait zowel om rechtvaardigheid als om vertrouwen in de overheid.