Orbán zet relatie met Oekraïne verder op scherp in aanloop naar verkiezingen
In dit artikel:
De relatie tussen Hongarije en Oekraïne is deze week tot een nieuw dieptepunt gedaald: premier Viktor Orbán beschuldigt Kyiv ervan voorbereidingen te treffen voor aanvallen op het Hongaarse energienet, terwijl Oekraïne ontkent en Rusland verantwoordelijk wijst voor de beschadiging van de pijpleiding waardoor Hongarije al een maand zonder Russische olie zit. De pijpleiding Droezjba, die via Oekraïne het grootste deel van de olie naar Hongarije en Slowakije levert, werd geraakt bij een tussenstation op Oekraïens grondgebied; Kyiv zegt dat dat het gevolg is van Russische luchtbombardementen.
Hongarije en Slowakije beschuldigen Oekraïne er omgekeerd van opzettelijk de doorvoer van olie te blokkeren, omdat die inkomsten Rusland financieel steunen — en Kyiv heeft inderdaad luchtaanvallen uitgevoerd op Russische olie-infrastructuur. Oekraïne stelt echter dat reparaties niet sneller kunnen en dat Hongarije desgewenst protest bij Rusland zou moeten indienen.
De verstoring van de olievoorziening werd door Orbán deze week politiek uitgebuit: Budapest blokkeerde een gepland Europees steunpakket van 90 miljard euro voor Oekraïne, terwijl het in december nog had ingestemd. Kort daarna viel Oekraïne een Russisch pompstation aan dat aan de Droezjba-verbinding is gekoppeld.
Nu waarschuwt Orbán dat Kyiv mogelijk acties plant tegen Hongaarse energievoorzieningen binnen Hongarije zelf; de regering liet militairen en politie extra patrouilleren bij energiecentrales en kritieke infrastructuur. Veel waarnemers vinden een directe Oekraïense aanval op een NAVO-buurland onwaarschijnlijk en zien Orbáns retoriek vooral als binnenlandse politiek.
Critici beschuldigen Orbán ervan angst te zaaien in aanloop naar de Hongaarse verkiezingen op 12 april om zijn positie te versterken. Zij vrezen zelfs dat de regering een ‘false flag’-aanval zou kunnen opzetten om Oekraïne de schuld te geven en zo kiezers te mobiliseren. De premier heeft de toon tegenover Oekraïne de afgelopen tijd fors aangescherpt en stelde zelfs dat Oekraïne een grotere dreiging voor Hongarije vormt dan Rusland.
In de campagne probeert Orbán zijn belangrijkste tegenstander, Peter Magyar, neer te zetten als marionet van Brussel en Kyiv; posters tonen Magyar met Europese leiders en de Oekraïense president. Dat lijkt weinig effect te hebben: Magyar leidt al ruim een jaar in de peilingen en zou volgens recente betrouwbare cijfers rond de 55 procent uitkomen onder kiezers die al beslist hebben.
Magyar bekritiseert de regering scherp en waarschuwt tegen het gebruik van psychologische druk op de bevolking. De internationale context — de oorlog die deze week aan zijn vijfde jaar begon — maakt de situatie extra gevoelig: verstoring van energie- en oliestromen raakt zowel de veiligheid als de geopolitieke verhoudingen in de regio.