Oranje-schaatsers op Spelen voor het eerst sinds 1994 zonder goud
In dit artikel:
De massastart, die in 2018 aan het olympische programma werd toegevoegd, staat zaterdag nog op het schema. Al in 1994 pakten Nederlandse schaatsers medailles: Rintje Ritsma behaalde zowel zilver als brons, terwijl Falko Zandstra en Bart Veldkamp ook op het podium kwamen. Vanaf Nagano 1998 begon een reeks gouden prestaties: Gianni Romme won zowel de 5 als de 10 kilometer en Ids Postma zegevierde op de 1000 meter. In Salt Lake City (2002) won Jochem Uytdehaage de 5 en 10 km en veroverde Gerard van Velde goud op de 1000 m; in Turijn (2006) was Bob de Jong de beste op de 10 km. Vancouver 2010 leverde goud op voor Mark Tuitert (1500 m) en Sven Kramer (5 km). Bij de meest succesvolle Nederlandse Winterspelen in Sotsji 2014 kwamen vier overwinningen: Michel Mulder (500 m), Stefan Groothuis (1000 m), Kramer (5 km) en Jorrit Bergsma (10 km). In Pyeongchang 2018 behaalde Kramer zijn derde olympische titel op de 5 km en won Kjeld Nuis zowel de 1000 als 1500 m. De opeenvolgende zeges van Nederland bij de Winterspelen liepen tot en met Beijing 2022, waar Nuis (1500 m) en Thomas Krol (1000 m) de laatste overwinningen in die reeks toevoegden.