Oranje reist na 22 jaar weer met nederlaag naar eindtoernooi: 'Dit wil je niet'
In dit artikel:
Oranje vertrekt met een kater naar het WK nadat het woensdagavond in De Kuip met 0-1 verloor van Algerije. Het verlies — de eerste keer sinds het EK 2004 dat het Nederlands elftal een uitzwaaiwedstrijd verliest — kwam laat tot stand door een fraaie treffer van Feyenoorder Anis Hadj Moussa. Duizenden Algerijnse supporters, veelal uit andere Europese landen gekomen, vierden uitbundig; de Nederlandse spelers verlieten beduusd het veld.
Bondscoach Ronald Koeman probeerde de teleurstelling te relativeren en zei dat zijn goede gevoel richting het WK niet opeens verdwenen is, maar erkende ook fouten: Oranje miste in de openingsfase grote kansen en was op cruciale momenten slordig. Vooral Donyell Malen, die dit seizoen indruk maakte bij AS Roma (na de winterstop veertien goals), liet meerdere grote mogelijkheden onbenut — voorlangs, paal en een gemiste kopkans — waardoor Koeman nog geen definitieve keuze wil maken voor de spitspositie. Memphis Depay maakte als invaller weinig indruk, terwijl debutant Crysencio Summerville op rechts wel veelbelovend speelde en meerdere kansen voorbereidde.
Aanvoerder Virgil van Dijk noemde de nederlaag pijnlijk en benadrukte dat dit geen uitzwaaiwedstrijd is die je wilt verliezen. Koeman stelde dat Algerije soms meer met het hart speelde en noemde de uitslag mogelijk een nuttige wake‑upcall voorafgaand aan de laatste oefenpartij op 8 juni in New York tegen Oezbekistan. Oranje reist vandaag met de 26-koppige WK-selectie naar New York, met de intentie om zich tijdig te herstellen voor de wereldtitelstrijd.