Opsporingsambtenaar pikt 205 euro, baan kwijt en taakstraf
In dit artikel:
Een rechtbank in Rotterdam heeft een 42-jarige opsporingsambtenaar veroordeeld tot een taakstraf van 200 uur voor verduistering tijdens een doorzoeking in oktober 2022 in Amsterdam. De vrouw, die ruim twintig jaar als opsporingsambtenaar werkte onder meer bij de Nederlandse Arbeidsinspectie en in 2014 haar ambtsbelofte aflegde, stopte tijdens de doorzoeking volgens camerabeelden minstens €205 uit een Snickers-doos op een bureau, uit enveloppen en uit een jas van een werknemer in haar eigen broekzak. De camera was in het kantoor geplaatst zonder medeweten van de opsporingsambtenaren.
Collega’s van het onderzochte bedrijf ontdekten het tekort en bekeken de beelden, waarop ook te zien was dat zij een deel van het geld terugstak maar twee biljetten van €50 en één van €100 in haar zak behield. Het bedrijf deed aangifte; het Openbaar Ministerie vervolgde haar strafrechtelijk en haar werkgever ontsloeg haar.
De verdachte vroeg vrijspraak en stelde dat ze de biljetten later in een pedaalemmer op het vrouwentoilet had gelegd zodat collega’s ze konden meenemen, maar de rechtbank vond dat verhaal ongeloofwaardig. Volgens de rechter is het wegnemen van het geld op zichzelf voldoende voor de kwalificatie verduistering. Hoewel het bedrag relatief klein was, beoordeelde de rechtbank het gedrag als zeer ernstig vanwege haar voorbeeldfunctie en het verlies van vertrouwen in opsporingsinstanties. Bij de strafoplegging werden haar onbestrafte verleden, lange diensttijd en de grote persoonlijke impact van de zaak meegewogen.