Open wereldplein in Nijmegen: buiten leren met de buurt
In dit artikel:
Jenaplanschool De Lanteerne in Nijmegen opende in 2019 een ‘wereldplein’: drie verbonden buitenruimtes (een klim- en klauterplein, een waterplein en een natuurtuin/Rozenplein) die benut worden door ruim zeshonderd leerlingen, bso‑kinderen en omwonenden. Het idee ontsproot aan de onderwijsvisie in 2013: een buitenleeromgeving waar thema’s als water, bouwen, voedsel en techniek praktisch aan bod komen. De natuertuin blijft vanwege kwetsbaarheid gesloten voor het publiek; de overige pleinen zijn grotendeels vrij toegankelijk en deels voorzien van een overkapping en traditionele speeltoestellen. Naast de school ligt op gemeentegrond een voetbal- en basketbalveldje.
Het plan kostte bijna vijf jaar van uitwerking en financiering; een substantiële subsidie van provincie Gelderland maakte realisatie mogelijk, onder de voorwaarde dat het plein open zou zijn voor de buurt. Ontwerp en aanleg gebeurden samen met leerlingen, leerkrachten, ouders, hogeschoolstudenten en een ontwerpbureau, met nadruk op vergroening en duurzame, natuurlijke materialen (hout, zand, pompsystemen met afgekoppeld regenwater).
In de praktijk zijn de meeste poorten doorgaans open: in de middaguren gebruiken bso en buurtkinderen de ruimtes en het voetbalveld is populair. Incidentele overlast en vandalisme komen voor; de school zoekt de-escalerend contact met hangjongeren en onderhoudt korte lijnen met de buurtcoach en wijkagent. Dagelijkse onderhoudstaken worden gedaan door de conciërge, met hulp van een vrijwilliger; ouders helpen twee keer per jaar en een tuinman verzorgt grof onderhoud. Voor bomen en specialistisch snoeiwerk worden experts ingeschakeld.
Financiën en beheer blijven aandachtspunten: de aanleg was gefinancierd, maar vervanging van speeltoestellen roept vragen over wie betaalt. De gemeente Nijmegen biedt voor open schoolpleinen een convenant aan: de gemeente voert jaarlijkse inspecties en klein onderhoud tot €2.500 per jaar uit, terwijl scholen verantwoordelijk blijven voor vervanging van kapotte speeltoestellen. Van de circa 45 basisscholen in de stad hebben zo’n 15 al formele afspraken; bij nieuwbouw is openstelling inmiddels standaard, bij bestaande scholen is maatwerk nodig.
Op beleidsniveau past dit in het BOSS‑kader (Bewegen, Ontmoeten, Spelen en Sporten): de gemeente streeft naar groene sociale knooppunten waar ontmoeting en spelen samenkomen en middelen doelmatiger worden ingezet. De ervaringen van De Lanteerne tonen zowel kansen voor leerzaam buitenonderwijs en buurtcontacten als de praktische en juridische uitdagingen rond beheer, onderhoud en overlast.