Oorlogsdoel van regimeverandering in Iran lijkt steeds verder buiten bereik
In dit artikel:
Mojtaba Khamenei, zoon van de onlangs gedode ayatollah Ali Khamenei, is benoemd tot nieuwe opperleider van Iran, maar verschijnt nog niet publiekelijk en heeft geen opnames of beeldmateriaal vrijgegeven. Iraanse staatsmedia meldden dat hij gewond raakte bij een Israëlische luchtaanval, maar details over de aard en ernst van die verwondingen ontbreken en onafhankelijk verifiëren is niet mogelijk. Zijn eerste boodschap aan het Iraanse volk verscheen niet persoonlijk maar werd voorgelezen op staatstelevisie; daarin beloofde hij wraak op de VS en Israël en verklaarde Iran de sluiting van de Straat van Hormuz te zullen handhaven — een uitspraak die wereldwijd economische en geopolitieke gevolgen kan hebben.
Analisten en westerse inlichtingendiensten oordelen dat de leiderschapsstructuur van het regime grotendeels intact is. Meerdere rapporten, aldus Amerikaanse en Israëlische diensten, concluderen dat het bestuur in Teheran nog genoeg controle heeft om binnenlandse onrust te onderdrukken. De Revolutionaire Garde, die Mojtaba steunde bij zijn benoeming, lijkt momenteel veel invloed te hebben en wordt door deskundigen gezien als bepalend voor de koers van het regime.
Hoewel de Iraanse strijdkrachten militair geen directe gelijke zijn van VS of Israël, bezitten ze genoeg capaciteiten om de regio te destabiliseren: een blokkade van de Straat van Hormuz bedreigt de wereldeconomie en de Golfstaten blijven kwetsbaar voor drone-aanvallen. Binnen Iran handhaven veiligheidsdiensten zichtbare controle in steden en reageren zij volgens waarnemers met dodelijk geweld op protesten, wat de kans op een massale volksopstand — iets wat Washington en Tel Aviv aanvankelijk hoopten te stimuleren — klein maakt.
Als gevolg hiervan lijken de ambities van de VS en Israël bijgesteld te worden. Amerikaanse leiders erkennen nu dat een onmiddellijke binnenlandse omverwerping van het regime onwaarschijnlijk is; retoriek over “onvoorwaardelijke overgave” is bijgesteld en wordt nu anders geïnterpreteerd door het Witte Huis. Ook Israëlische politici geven toe dat regimeverandering mogelijk niet het eindresultaat zal zijn, al benadrukken ze dat de machtsverhoudingen in Iran, het Midden-Oosten en richting Israël blijvend veranderd zijn.
Irandeskundigen wijzen erop dat het regime al vóór de oorlog door binnenlandse crisis en harde repressie verzwakt was. Mocht het conflict eindigen met het huidige bestuur intact, dan zou de invloed van hardliners en van de Revolutionaire Garde in de post-Khamenei-periode juist kunnen toenemen.