Oorlog eist steeds zwaardere tol van Russen: 'Belastingen nog nooit zo hoog'

dinsdag, 24 februari 2026 (14:45) - RTL Nieuws

In dit artikel:

Op 24 februari 2022 begon Rusland onder president Vladimir Poetin een invasie van Oekraïne, aangekondigd als een 'speciale militaire operatie'. Moskou rekende aanvankelijk op een snelle overwinning, maar het verloop van de oorlog bleek heel anders en heeft diepe gevolgen voor leger, economie en samenleving in Rusland.

Aan het front is de menselijke tol enorm: externe schattingen (Center for Strategic and International Studies) spreken van honderden duizenden Russische doden. Het tekort aan manschappen is nijpend; wervingsacties met hogere lonen leveren steeds minder op. Nederlandse en andere experts constateren dat het Russische leger “alle hens aan dek” staat en dat de bodem van de personeelsvoorraad in zicht komt. Rusland rekruteert vooral uit armere regio’s, niet uit de elitekringen of grote steden, waardoor de maatschappelijke pijn ongelijk wordt verdeeld.

Economisch is het land grotendeels omgeschakeld naar een oorlogseconomie. Een groot deel van de overheidsuitgaven — bijna veertig procent volgens het artikel — gaat inmiddels naar defensie, ten koste van investeringen in andere sectoren. De auto-industrie ligt groten deels stil, spoorwegen hebben achterstallig onderhoud en er is een groot tekort aan vakmensen; in Moskou wordt een tekort van miljoenen arbeidskrachten over een paar jaar voorzien. Tegelijkertijd zijn de inkomsten uit olie en gas flink geslonken (ongeveer een kwart lager) door lagere prijzen, een groter wereldwijd aanbod en gerichte aanvallen op raffinaderijen.

Voor de bevolking betekent dit keiharde gevolgen: belastingen zijn verhoogd (onder meer de btw), inflatie en torenhoge energierekeningen drukken het besteedbaar inkomen en prijzen van dagelijkse boodschappen schieten omhoog — lokale voorbeelden spreken van verviervoudigde of sterk gestegen prijzen, zoals die van komkommers. Door dalende binnenlandse vraag neemt ook de productie af, wat op termijn de economische dynamiek verder onder druk zet.

Sociaal laat de oorlog zichtbare sporen achter: veel meer gewonde en getraumatiseerde veteranen, een toename van begraafplaatsen en monumenten en een groeiende kloof tussen stedelijke en landelijke opvattingen. Opiniepeilingen tonen dat steun voor de oorlog niet uniform is; op het platteland is die steun volgens onafhankelijke onderzoeken juist lager dan in grote steden. Openlijk verzet blijft echter beperkt: incidentele kleine protesten komen voor, maar brede sociale onrust is tot nu toe uitgebleven.

De vraag hoe lang Rusland de oorlog kan volhouden, levert uiteenlopende antwoorden op. Sommige waarnemers wijzen erop dat het regime nog over veel middelen en tijd beschikt en dat het gebrek aan grootschalig binnenlands verzet de Kremlinpositie versterkt, maar structurele problemen op het vlak van personeel, industrie en overheidsfinanciën wijzen ook op groeiende spanning en de reële kans op economische neergang op middellange termijn.