Ook de internationale politiek wordt steeds meer gepresenteerd als Netflix-serie

woensdag, 20 mei 2026 (14:15) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

De top in Beijing tussen Donald Trump en Xi Jinping vorige week leverde meer theater dan inhoud op, terwijl juist veel grote mondiale dossiers zwaardere coördinatie hadden kunnen gebruiken. De bijeenkomst had potentieel gewicht: de VS wil in feite wereldzaken bilateraal met China regelen (soms aangeduid als ‘K2’), en op tafel lagen urgente thema’s zoals het conflict in het Midden-Oosten en de wederopbouw van Gaza, de oorlog in Oekraïne, internationale handelsspanningen, klimaatverandering en een oplopende energiecrisis. Dat maakte de uitkomst relevanter dan de vaak geuite kritiek dat het evenement vergeefs zou zijn.

Toch ontbrak het aan serieuze voorbereiding en voorspelbaarheid. Waar topontmoetingen van weleer het resultaat waren van maandenlange, laag-voor-laag onderhandelingen tussen diplomaten en ambtenaren, bleek onder Trump die routine verstoord: hij dwingt een chaotischer, op korte termijn gestuurd proces af, waardoor ambtenaren en journalisten constant moeten gokken of hij naar toenadering of confrontatie neigt. Voor Beijing, dat stabiliteit en gecontroleerde regie prefereert, was die onvoorspelbaarheid frustrerend; Chinese staatsmedia minimaliseerden de aandacht voor het bezoek — de president van Tadzjikistan stond zelfs op de voorpagina van China Daily, Trump verscheen pas later — terwijl Amerikaanse media zich concentreerden op wie er onverwachts was uitgenodigd en wat dat zegt over binnenlandse machtsspelletjes.

De bredere observatie in het stuk is dat internationale politiek steeds meer als een serie afgebakende afleveringen wordt beleefd, met telkens andere hoofdpersonen en kortstondige conflicten: spectaculaire kopstukken, plotwendingen, emotionele uitspraken en snelle verplaatsingen naar het volgende brandpunt. Dat format — makkelijk verteerbaar, dramatisch en gefocust op karakterontwikkeling — biedt wel vermaak en snelle nieuwswaardigheid, maar doet weinig recht aan wat internationale politiek eigenlijk vereist: aanhoudende, inhoudelijke gesprekken en langetermijnafwegingen over het publieke belang. In plaats daarvan nemen persoonlijke confrontaties, emotiediplomatie en episodische spektakels het over.

De conclusie is zorgelijk: zulke oppervlakkige, op spanning gerichte verslaggeving en leiderschapspraktijken ondermijnen de mogelijkheid van gedegen internationale samenwerking op complexe, langdurige problemen. Voor mondiale vraagstukken die structurele oplossingen vergen, is het dramaformaat niet toereikend.