Ontgoocheling: al stoppen we nu met benzineauto's en barbecues, dan nog zal niemand minder hitte ervaren

dinsdag, 4 augustus 2026 (03:02) - Het Parool

In dit artikel:

De uitzonderlijke hitte en natuurbranden in Europa zijn het gevolg van een klimaatsysteem waarin door de uitstoot van broeikasgassen enorme hoeveelheden extra energie zijn opgeslagen. Volgens klimaatwetenschapper Bart Strengers van het Planbureau voor de Leefomgeving blijft die energie nog tientallen jaren tot mogelijk eeuwen doorwerken. Zelfs wanneer de wereld netto geen broeikasgassen meer uitstoot, keert het klimaat dus niet snel terug naar de omstandigheden van het midden van de vorige eeuw. Voor daadwerkelijke afkoeling zijn bovendien negatieve emissies nodig.

Sinds 1950 duren Europese hittegolven gemiddeld elke tien jaar ongeveer 2,6 dagen langer. Bij iedere graad mondiale opwarming nemen extreme Europese temperaturen volgens deskundigen met circa 3,4 graden toe. Van de extra energie in het klimaatsysteem bevindt 89 procent zich in de oceanen. Warmere zeeën leveren daardoor meer energie aan hogedrukgebieden, waardoor normale weersituaties sneller in extreme hitte kunnen veranderen.

Deze zomer werd dat versterkt door droogte. Juni was in de Europese Unie de warmste junimaand sinds het begin van de metingen. Hoewel de neerslag niet uitzonderlijk laag was, verdampte door de hoge temperaturen meer water. Daardoor droogde de bodem uit en nam de natuurlijke verkoeling af. Dat vergrootte ook de kans op natuurbranden, naast factoren zoals brandstichting en de aanwezigheid van licht ontvlambare boomsoorten.

Ook schonere lucht speelt mogelijk een rol. Aerosolen uit vervuiling weerkaatsen zonlicht; doordat Europese industrie en verkeer schoner zijn geworden, bereikt meer straling het aardoppervlak. Onderzoek suggereert dat dit sinds 1980 ongeveer een halve graad extra opwarming in Europa kan hebben veroorzaakt en mogelijk langdurige hittegebieden beïnvloedt. In steden komt daar het hitte-eilandeffect bij, omdat steen en asfalt warmte vasthouden en nachten minder afkoelen.

Aanpassing is daarom noodzakelijk. Meer volwassen bomen, aaneengesloten groen, schaduw, waterdoorlatende bodems, ventilatie en goede zonwering kunnen steden koeler maken. Andere boomsoorten kunnen het brandrisico verkleinen, maar voorkomen klimaatgedreven droogte en hitte niet. Als de wereld rond 2060 netto nul uitstoot bereikt, kan het volgens de aangehaalde schatting nog tot ongeveer 2160 duren voordat Europese hittegolven terugvallen tot het niveau van 2020. Emissiereductie blijft daarmee vooral een manier om toekomstige risico’s te beperken.

BEKIJK OOK:

De Oranjezomer: Wat kan er worden gedaan om van Gianni Infantino als FIFA-voorzitter af te komen?