Ons idee van (slecht) slapen, klopt dat wel?
In dit artikel:
Alies Coster, psycholoog en slaapspecialist, stelt dat slecht slapen vooral voortkomt uit verkeerde verwachtingen en maatschappelijke druk, niet omdat mensen het slapen verleerd zijn. In een 24/7-cultuur is slapen een prestatie geworden: men verwacht vaak acht aaneengesloten uren en ziet kort wakker worden als falen, terwijl gemiddeld zo’n zeven uur gebruikelijk is en het normaal is om meerdere keren kort wakker te worden.
Coster wijst erop dat veel problemen worden verergerd door controleren en prikkels: nachtelijk kijken op de klok of de telefoon en meldingen ondermijnen de slaapkwaliteit. Jongeren hebben volgens CBS-cijfers (2022, gepubliceerd via de Landelijke Jeugdmonitor 2023) duidelijk meer slaapproblemen, grotendeels door actieve schermtijd in de avond die het natuurlijke ritme verstoort. Culturele verschillen laten bovendien zien dat vaker wakker worden niet per se als probleem wordt ervaren; interpretatie en verwachtingen spelen dus een grote rol.
De gevolgen van chronisch slecht slapen zijn zowel praktisch als medisch: kortetermijneffecten zijn onder meer meer trek in ongezond eten en mogelijke gewichtstoename; op langere termijn neemt het risico op depressie en angststoornissen significant toe. Ondertussen blijft slaap in de zorg vaak bijzaak, terwijl het zowel oorzaak als gevolg van psychische klachten kan zijn.
Als reactie op deze kloof heeft Coster een opleiding opgezet voor zorgprofessionals (psychologen, fysiotherapeuten e.a.) waarin ze leren hoe slaap werkt, wat normale variatie is en hoe slaapproblemen gestructureerd te analyseren en behandelen. Haar aanpak begint met een grondige inventarisatie: gedrag rondom bedtijd, dagritme, stress en prikkels. Praktische eerste stappen zijn vaak verrassend eenvoudig: minder lang in bed liggen, consequent daglicht en ritme, en aandacht voor ontspanning overdag. Quick fixes zoals slaapmiddelen, apps of gadgets bieden meestal geen duurzame oplossing; melatonine heeft slechts bij specifieke indicaties zin en kan in andere gevallen averechts werken. Ook structureel gebruik van oordopjes kan het natuurlijke waarnemingssysteem van het brein aantasten.
Signalen om actief in te grijpen zijn dagelijkse uitputting, het vermijden van activiteiten, of bijna in slaap vallen tijdens autorijden of vergaderingen. De kern van Coster’s boodschap: combineer verantwoordelijkheid voor slaaphygiëne met loslaten — probeer slaap niet te dwingen. Zoals zij het samenvat: “Slaap is een natuurlijk proces. Hoe minder je het probeert af te dwingen, hoe groter de kans dat het weer vanzelf komt.”