Ongelukken en Winterspelen gaan hand in hand: van pa Wennemars tot Nicolien Sauerbreij en Sven Kramer
In dit artikel:
De Winterspelen blijken keer op keer een podium voor onverwachte tegenslagen voor Nederlandse sporters. Tijdens de 25e Spelen in Milaan werd Joep Wennemars woensdag beroofd van een beslissend moment toen de Chinees Ziwen Lian hem op de kilometer in de weg reed; wat op weg leek naar een medaille veranderde in een drama. Wennemars krijgt nog twee kansen: de 500 meter zaterdag en de 1500 meter volgende week donderdag.
Dergelijke incidenten hebben in de Nederlandse olympische geschiedenis talrijke voorbeelden. In Sapporo 1972 zag schaatstalent Ard Schenk zijn droom even ontsporen toen hij viel in de 500 meter, maar hij herpakte zich snel en won alsnog drie gouden medailles (1500 m en 10 km inbegrepen).
Ook persoonlijke pech tekende eerdere Games: in Nagano 1998 verstoorde Grunde Njøs een rit waarbij hij de directe tegenstander – Erben Wennemars, de vader van Joep – meenam in zijn val; een hevige schouderuitsteking dwong de toen 22-jarige Dalfsenaar zich terug te trekken en zijn rol te veranderen in assistent-coach, waar hij onder meer tussentijden doorgaf aan latere winnaar Marianne Timmer.
Sauerbreij en de waxfout: snowboardster Nicolien Sauerbreij zag haar Salt Lake City 2002 in rook opgaan door verkeerde wax van een Oostenrijkse preparateur, wat haar ver terugwierp naar plek 24; acht jaar later behaalde ze alsnog olympisch goud in Vancouver. Marianne Timmer kende in Turijn 2006 eerst een dramatische start (twee valse starts op de 500 m) maar herstelde zich onverwacht met goud op de 1000 m; eerder had ze in 1998 ook al olympische titels veroverd.
Schaatsgeschiedenis toont verder technische en tactische missers met grote gevolgen. In Turijn 2006 stapte ploegachtervolger Sven Kramer op een blokje, waardoor TeamNL buiten de strijd om goud viel en Rintje Ritsma zijn laatste kans op olympisch goud misliep. In Vancouver 2010 maakte Kramer zelf een kostbare fout door op advies van coach Gerard Kemkers de verkeerde baan in te duiken tijdens de 10 km; de situatie leidde tot woedende reacties maar Kramer zou later alsnog vier olympische titels verzamelen.
Kortom: bij de Winterspelen kan een klein moment – een val, een verkeerde wax, een foute wissel of een tactisch advies – het verschil maken tussen triomf en teleurstelling. Joep Wennemars’ voorval in Milaan voegt zich daarmee in een lange reeks Nederlandse winterliefdes met een bittere nasmaak, maar biedt door zijn komende afstanden ook direct aanknopingspunten voor herstel.