Onderzoek: classispredikant PKN gewaardeerd, maar overvraagd

woensdag, 8 april 2026 (17:52) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

Het ambt van classispredikant binnen de Protestantse Kerk in Nederland wordt over het algemeen positief beoordeeld, maar loopt niet zonder problemen. Dat blijkt uit het rapport “Evaluatie ambt van classispredikant” van onderzoeksbureau Ipsos I&O, dat woensdag tijdens een studiedag in Utrecht is gepresenteerd. De studie kwam er nadat de PKN in 2018 het aantal classes terugbracht van 74 naar 11 en voor iedere classis een geestelijk leider — de classispredikant — aanstelde.

Respondenten zien de classispredikant veelal als verbindende schakel tussen lokale gemeenten en de landelijke kerk: een aanspreekpunt, adviserend en pastoralerol, soms zelfs het gezicht van de classis. De predikanten worden voor vijf jaar benoemd, met de mogelijkheid tot verlenging. Binnen hun taken ervaren zij veel vrijheid en onafhankelijkheid, en ze slagen er vaak in in te spelen op lokale behoeften.

Tegelijk signaleren onderzoekers knelpunten. De functie blijkt zwaar en onduidelijk afgebakend; verwachtingen binnen de kerk verschillen sterk en de grenzen van het ambt lopen soms vaag. Classispredikanten raken makkelijk overvraagd door een breed takenpakket en de nadruk op bemiddeling bij conflictsituaties doet soms afbreuk aan reguliere pastorale zorg. Dat leidt ertoe dat plaatselijke predikanten terughoudend kunnen zijn met het delen van persoonlijke kwesties, uit angst dat informatie bestuurlijk gebruikt wordt. Ook de samenwerking met colleges van visitatie verloopt niet altijd soepel, en sommige classispredikanten blijven te lang bij conflicten betrokken. In enkele classes verlicht het werken met een team de druk, maar dat blijkt geen universele oplossing.

Een deelnemer aan het onderzoek zegt: "Zelf betreur ik het zeer dat de classispredikant zozeer het profiel van bestuurder of manager heeft gekregen", en pleit voor een sterker theologisch-pastoraal profiel.

Op basis van de bevindingen doen de onderzoekers vier aanbevelingen: geef classispredikanten een structurele adviesrol richting generale synode en de dienstenorganisatie in Utrecht; verbeter de ondersteuning en zorg voor adequate beloning gezien de zwaarte van het ambt; verduidelijk en begrens taken en verantwoordelijkheden, ook ten opzichte van commissies zoals colleges van visitatie; en benadruk dat de classispredikant primair een geestelijk leider is, zowel binnen als buiten de kerk. Deze stappen moeten helpen de positie te versterken en de effectiviteit van de functie voor lokale gemeenten te vergroten.