Ondernemers in Amsterdam worstelen met overlast van drugsgebruikers: 'Het voelt machteloos, er kan zo weinig aan gedaan worden'
In dit artikel:
Ondernemers in de buurt van het Oosterpark huren sinds mei particuliere beveiligers in omdat de overlast van dakloze drugsgebruikers sterk is toegenomen. De maatregel geldt in de zomermaanden (mei–augustus) voor winkelstraten als de Dapperstraat, Eerste van Swindenstraat en in winkelcentrum Oostpoort; het idee kwam van de ondernemersverenigingen, het stadsdeel Oost draagt financieel bij. Stadsdeelvoorzitter Carolien de Heer noemt het “bloody shame” dat het zover heeft moeten komen en verwacht dat overlast in de zomer toeneemt wanneer meer mensen buiten zijn.
De ingehuurde beveiligers opereren als een mobiele, fietsend surveillantenteam met beperkte bevoegdheden vergeleken met handhavers. Hun aanwezigheid moet vooral een afschrikeffect hebben en zij kunnen sneller de politie inschakelen bij diefstal of agressie. Toch is het een tijdelijke maatregel: zij kunnen overlastgevers niet langdurig verwijderen of behandelen, en de effectiviteit blijft betwist.
Het probleem beperkt zich niet tot Oost. Een rondgang onder ondernemers en straatmanagers laat zien dat delen van Centrum, Nieuw-West, Oost en Zuid – waaronder de Haarlemmerbuurt, Schinkelbuurt en Cornelis Schuytstraat – ook kampen met meer rondhangende, vaak drugs- of alcoholgebruikende personen die stelen, bedelen en intimideren. In Nieuw-West (Delflandplein) en de Haarlemmerbuurt beschrijven winkeliers frequente overvallen en toenemende angst onder personeel; een straatmanager zegt dat overvallen “wekelijks” plaatsvinden en medewerkers soms overspannen raken. In sommige straten (Kinkerstraat, Osdorpplein, Negen Straatjes) is die toename er juist niet.
Winkeliers hebben uiteenlopende reacties: sommige verenigingen zetten, net als bij het Oosterpark, eigen beveiliging of loopposten in die ondernemers kunnen oproepen bij onveilige situaties. Maar deze privéteams moeten doorgaans alsnog de politie alarmeren, en door onderbezetting kan dat lang duren. Zelfs als de politie komt, is ingrijpen vaak van korte duur: personen keren snel terug, waardoor ondernemers het gevoel hebben in een vicieuze cirkel te zitten. Budgettekorten belemmeren dat veel ondernemers aanvullende beveiliging inzetten.
Straatmanagers wijzen ook op een sociale kant: daklozen en bedelaars hebben hulp nodig, maar overlast, diefstal en intimidatie tasten het veiligheidsgevoel van werknemers en klanten aan. Voorbeelden van gemeentelijk beleid, zoals een alcoholverbod in de Spaarndammerstraat, leiden volgens sommige betrokkenen slechts tot verschuiving van problemen en bieden geen structurele oplossing.
De Heer benadrukt dat de échte oplossing volgens haar ligt in een betere landelijke aanpak van de drugsproblematiek en meer steun vanuit Den Haag. Tot die tijd kiezen ondernemers en stadsdelen voor tijdelijke, zichtbare maatregelen, maar blijven zorgen bestaan over effectiviteit, capaciteit van handhaving en de maatschappelijke aanpak van verslaving en dakloosheid.