Ondergronds, informeel en soms ook crimineel: hoe bergen cash de wereld rondgaan via hawala
In dit artikel:
Hawala is een informeel internationaal betalingssysteem waarmee mensen geld over grote afstanden kunnen overmaken zonder dat bankoverschrijvingen of fysieke transporten nodig zijn. Het systeem, ontstaan rond de 8e eeuw langs de Zijderoute, werkt via lokale tussenpersonen (hawaladars): iemand in België geeft contant geld aan een hawaladar en krijgt een code; een partner in het bestemmingsland betaalt met die code het bedrag uit aan de ontvanger. Het geld zelf wordt intern verrekend tussen hawaladars, waardoor er geen directe grensoverschrijdende cashbeweging plaatsvindt.
Pano portretteert gebruikers en onderzoekers die laten zien waarom hawala populair blijft: vluchtelingen en mensen zonder toegang tot formele bankdiensten gebruiken het voor snelle en soms enige levenslijn naar familie in risicogebieden zoals Gaza. Een gevluchte Palestijn (schuilnaam Samir) zegt maandelijks via hawala te sturen omdat banken niet toegankelijk zijn of te traag, maar betaalt daar hoge commissies voor — in zijn geval 40–50 procent bij transacties naar moeilijk bereikbare gebieden.
Door het ontbreken van officiële registratie en toezicht is de omvang van hawala moeilijk vast te stellen: in België worden jaarlijks informeel 2,1–2,3 miljard euro naar het buitenland geschat, maar welk deel via hawala loopt is onduidelijk. Formeel bieden geldtransferdiensten vergunningplichtige en gecontroleerde activiteiten; veel hawaladars opereren echter zonder vergunning, waardoor hun dienstverlening in de praktijk illegaal is. Sinds 9/11 verscherpte wetgeving en klantcontroles banken, waardoor zij terughoudender zijn in transacties naar conflictlanden — een leemte die hawala opvult.
Onderzoek en gerechtelijke onderzoeken tonen dat hawala ook aantrekkelijk is voor criminele netwerken. In 2024 werden in Brussel zes Palestijnen veroordeeld voor betrokkenheid bij een omvangrijk hawala-netwerk. Politie- en gerechtelijke dossiers, die Pano en de RTBF konden inzien, onthulden een professioneel georganiseerde structuur met lokale kantoren, honderden identiteitsdocumenten, grote stapels eurobiljetten en unieke transactiesleutels. In dit onderzoek lagen commissies veelal tussen 1 en 7 procent, waarmee aanzienlijke inkomsten werden gegenereerd. Federaal magistraat Vincent Guerra noemde het onderzoek een zeldzame inkijk in de werking van zo’n parallel financieel systeem.
De internationale dimensie werd door Pano in samenwerking met het EBU Investigative Journalism Network verder uitgeplozen. In Denemarken en Nederland vonden journalisten voorbeelden van grootschalige cashstromen die via hawala werden verdeeld: een voormalige witwasser (schuilnaam Frank) beschrijft hoe in een Nederlands kantoor binnen anderhalf uur zeker een miljoen euro aan contanten arriveerde. Onderzoekers tonen ook hoe die cash vervolgens via nepfacturen en schijnbedrijven terug in de legale economie wordt gebracht, zodat zwart geld kan worden witgewassen en bedrijfseconomieën worden misbruikt.
Experts benadrukken dat hawala zelf niet per definitie crimineel is — het vervult een behoefte in gemeenschappen met beperkte banktoegang — maar het gebrek aan transparantie maakt het kwetsbaar voor misbruik, waaronder het verbergen van drugsgelden en mogelijk financiering van extremisme. Voor toezichthouders vormt het zogenaamde ‘dark number’ een groot probleem: waar geen registratie of zicht is, zijn er geen betrouwbare cijfers en blijft het scala aan risico’s ondoorzichtig.
De Pano-reportage “De Ondergrondse Bank” brengt vanavond de onderzoeksresultaten en getuigenissen in beeld. De reportage belicht zowel de menselijke kant — mensen die snel geld naar familie in crisisgebieden willen sturen — als de criminele toepassingen die het systeem aantrekke lijk maken voor georganiseerde misdaad.