Onbemande systemen worden de norm bij de Nederlandse krijgsmacht
In dit artikel:
Defensie zet de komende jaren stevig in op drones, onbemande voertuigen, bootjes en robots, omdat zulke systemen op het moderne slagveld steeds belangrijker worden. In de maandag gepresenteerde defensieplannen van minister Dilan Yesilgöz en staatssecretaris Derk Boswijk staat dat de Nederlandse krijgsmacht daardoor “wezenlijk” anders moet worden ingericht. Toch verdwijnen klassieke wapens niet: Defensie koopt onder meer extra F-35-gevechtsvliegtuigen en luchtverdediging, maar wil wel vooral kiezen voor onbemande middelen waar dat kan, met de ambitie dat die over vijf jaar meer dan de helft van de gevechtskracht leveren.
De aanleiding is vooral de oorlog in Oekraïne, die laat zien dat niet alleen technologische voorsprong telt, maar ook langdurige productie, voorraadbeheer en snelle aanpassing aan nieuwe dreigingen. Nederland wil daarom tekortschietende voorraden aanvullen en de defensie-industrie voorbereiden op snelle opschaling en innovatie. Tegelijk moet Defensie beter kunnen optreden tegen sabotage en andere acties in de zogenoemde grijze zone, bijvoorbeeld met meer marechaussees en sterkere speciale eenheden. De nota benadrukt dat haast geboden is, omdat onduidelijk blijft of Nederland en Europa op tijd sterk genoeg zullen zijn als Rusland zich na Oekraïne weer op NAVO-landen richt.
De Oranjezomer: Tom Coronel: 'Ik zie nu de Max Verstappen naar boven komen die ik altijd wil zien!'