OM verdenkt broers van moord op Tijn uit Alkmaar, lichaamsdelen verbrand in olievat
In dit artikel:
De rechtbank in Haarlem kreeg tijdens de eerste inleidende zitting te horen dat het Openbaar Ministerie de moord op Tijn als extreem gewelddadig en zonder mededogen kwalificeert. Tijn werd op 14 september als vermist opgegeven; zijn lichaam werd ongeveer een maand later in België aangetroffen. Volgens justitie is hij waarschijnlijk al op 12 september vermoord, kort nadat hij op het Deurlooplein in Alkmaar in de auto van de vader van de twee verdachten stapte. Mike W. zou hem naar zijn broer Sander hebben gereden; Sander was de enige aanwezige verdachte in de zaal. Het OM stelt dat Tijn binnen tien minuten na het instappen om het leven is gebracht en dat na drie uur ’s middags geen teken van leven meer werd waargenomen.
Op bewakings- en zendmastgegevens baseert justitie dat de telefoons van beide verdachten en van Tijn die nacht naar België reisden; ook telefoons van de partner en kinderen van Mike zouden meegegaan zijn. Getuigen zagen in de nacht van 13 op 14 september twee mannen een boedelbak inladen bij Sander. In die bak sloegen specialistische honden aan en werd bloed gevonden dat aan Tijn bleek te behoren. In België trof de politie verbrande menselijke resten aan in een olievat bij een vakantiehuisje; het NFI koppelde deze via spierweefsel aan Tijn. In het vat lagen ook gereedschappen en mogelijk de telefoons van het slachtoffer. Justitie spreekt van een gezamenlijk plan en ondersteunt dat naast forensisch bewijs met een afgeluisterd gesprek tussen familiebetrokkenen met een gedetineerde. De volgende zitting staat gepland op 8 april in Alkmaar.