OM: verdachten fatale babbeltruc betrokken bij andere oplichting
In dit artikel:
Twee van de drie verdachten die worden verdacht van betrokkenheid bij de dood van de 80‑jarige Irene Winkel na een confrontatie met een nepagent in haar woning in Amsterdam Nieuw‑West, zouden ook een oplichting in Haarlem hebben uitgevoerd. De officier van justitie zei tijdens een voorbereidende zitting dat hij „hetzelfde patroon” ziet.
Het gaat om Ben H. (23) en Achraf Z. (26). Volgens justitie reisden zij op 29 juli samen in de taxi van Ben van Amsterdam naar Haarlem en terug. Ben zou bovendien met hetzelfde telefoonnummer hebben gebeld dat later is gebruikt bij de fatale babbeltruc op 13 augustus; hij weigerde toelichting te geven. Z. werd op 10 november aangehouden en heeft de oplichting in Haarlem bekend. Hij wordt daarnaast vervolgd voor bezit van harddrugs. Tijdens zijn eerste zitting zei hij dat wat er gebeurd is „heel erg” is; zijn raadsman stelde dat Z. dacht slechts iets op te halen en geen geweld had verwacht.
De derde verdachte is Oussama El G. (21). Volgens het OM voerde hij zich voor als politieagent die het hang‑ en sluitwerk wilde controleren. Ben zou de oudere vrouw vooraf hebben gebeld en laten weten dat zij op een „inbrekerslijst” stond. Toen het slachtoffer argwaan kreeg en El G. uit huis wilde zetten, zou hij geweld hebben gebruikt; El G. erkent een klap te hebben gegeven, vluchtte met sieraden en keerde later terug om sporen te wissen.
Het OM twijfelt aan El G.’s verklaring vanwege het letsel van het slachtoffer; het NFI bestudeert beelden van een verhoor en het toegepaste geweld wordt onderzocht. El G. moet mogelijk in maart worden onderzocht in het Pieter Baan Centrum, maar zegt daar niet aan mee te werken. De verdachten blijven vastzitten; de volgende zitting is gepland op 29 april. Een vierde vrouwelijke verdachte is eerder buiten vervolging gesteld.