NV Amerika: hoe Donald Trump de publieke macht van de VS privatiseert

zondag, 24 mei 2026 (07:35) - VRT Nieuws

In dit artikel:

In Trumps tweede ambtstermijn ziet Björn Soenens een steeds nauwere versmelting van overheid en grootkapitaal: Washington fungeert niet langer alleen als regelgever, maar als partner en beschermheer van megabedrijven. Waar CEO’s en techleiders traditioneel wantrouwig staan tegenover staatsbemoeienis, zitten ze nu braaf aan tafel in het Witte Huis en reizen mee als deel van presidentiële handelsdelegaties. Het recente staatsbezoek aan China (14–15 mei 2026) illustreert dat: een dertigtal topbestuurders — onder wie Elon Musk, Tim Cook, Jensen Huang, Larry Fink en Boeing-top Kelly Ortberg — vergezelde Trump en vertegenwoordigde gezamenlijk zo’n 16.000 miljard dollar aan kapitaal.

Wat verandert er concreet? Trump herschikt instellingen en vervangt onafhankelijke experts door loyale bondgenoten, voert deregulering door (onder meer meteen op de eerste dag van zijn tweede termijn richting de AI-sector) en heeft bedrijven beloond met lagere belastingen en minder milieuregels. Tegelijkertijd gebruikt hij overheidstools als drukmiddel: bedrijven die niet meewerken aan zijn industriepolitiek riskeren heffingen, strengere regels, uitsluiting bij aanbestedingen of reputatieschade via lekkende media. In de praktijk leidt dit tot een wisselwerking waarin bedrijven politici lobbyen en de staat bedrijven als uitvoerende arm inzet — en vice versa.

AI is exemplarisch: enerzijds worden bedrijven die hun infrastructuur buiten de VS willen bouwen of willen samenwerken met buitenlandse partners belemmerd via exportcontroles en sancties; anderzijds ontving de sector op federale basis deregulering en directe toegang tot beleid. Ook ruimtevaart- en defensiebedrijven (SpaceX, Starlink), datagiganten (Palantir) en financiële spelers worden steeds meer onmisbaar voor overheidsfuncties, wat afhankelijkheid en mogelijke belangenconflicten creëert. Musk fungeerde volgens het artikel als invloedrijke, onofficiële adviseur in 2025 en zijn bedrijven waren intussen dominant in cruciale markten — SpaceX verzorgt bijvoorbeeld het merendeel van satellietlanceringen in de VS.

De politieke logica: loyaliteit in ruil voor bescherming. Kritische stemmen zien daarin staatskapitalisme in Amerikaanse vorm: een systeem waarin de staat bedrijven bevoordeelt die politieke trouw tonen, en in ruil bedrijven staatsmacht helpen uitbreiden. Soenens verwijst naar concrete voorbeelden en beschuldigingen — zoals een vermeende regeling rond 1,776 miljard dollar bij het ministerie van Justitie waarmee volgens critici politieke bondgenoten van vervolging gevrijwaard zouden zijn — en stelt dat regulatoren die onafhankelijk opereren worden uitgekleed of vervangen. Het resultaat is een vacuüm van democratische controle waarin regels vaker worden gevormd door wie de meeste toegang tot macht heeft.

Historische parallellen en bredere impact: dit is niet compleet nieuw in Amerikaanse geschiedenis — eind 19e-eeuwse ‘robber barons’ lieten ook private macht overheersen — maar de schaal en technologische verwevenheid zijn anders. Boeken als Grace Blakeley’s Aasgierkapitalisme en analyses over de 2008-reddingsoperaties illustreren hoe overheden al eerder grote bedrijven hebben beschermd, vaak ten koste van gewone burgers. De huidige trend verergert volgens Soenens problemen als monopolievorming, verminderde concurrentie en verzwakte publieke voorzieningen.

Geopolitiek zit er ook een dimensie aan: bedrijven worden ingezet als instrumenten van nationale macht tegenover rivalen — vergelijkbaar met Gazprom of Huawei in autocratische regimes — en Amerikaanse firma’s worden gebruikt om economische invloed af te dwingen, soms ten koste van soevereiniteit of mensenrechten van andere landen.

Kortom: Soenens waarschuwt voor een stille revolutie waarin het Witte Huis meer op een directiekamer lijkt en waar marktvrijheid en democratische toezichtmechanismen plaatsmaken voor een mengvorm van private belangen en staatsmacht — met verregaande gevolgen voor concurrentie, privacy, buitenlandse betrekkingen en de positie van de burger ten opzichte van de macht.