NU+ | Cruijff tien jaar dood: Ajax stopte met voetballen, lolly's tussen de bloemen
In dit artikel:
Op 24 maart 2016 stierf Johan Cruijff in Barcelona; die dag veranderde het nieuwsbeeld in Nederland en daarbuiten in enkele uren. Cruijff, toen 68 en al maanden behandeld voor longkanker, had op 13 februari nog publiekelijk optimisme geuit, maar vijf weken later verslechterde zijn toestand snel. Zijn zoon Jordi, die op dat moment voor zijn werk veel onderweg was, haalde nog net het ziekenhuis Sant Pau in Barcelona; moeder Danny en dochters Chantal en Susila waren al bij het bed. Vriend Rolf Grootenboer en andere naasten zagen erin een teken dat Cruijff gewacht had tot zijn familie compleet was.
Het officiële overlijden werd die middag via het Cruijff-account op Twitter bevestigd, waarna landelijke en internationale media direct overschakelden op speciale uitzendingen. Nieuwslezers, politieke kopstukken en koninklijke boodschappen onderstreepten het nationale en wereldwijde belang: premier Mark Rutte noemde Cruijff een bekend symbool van Nederland, en ook koning Willem-Alexander reageerde met woorden van verdriet. Sportcommentatoren, oud-teamgenoten en vrienden vulden dag en avond met herinneringen aan zijn voetbalkunst en persoonlijkheid.
Bij Ajax, waar Cruijff voor fans en club tot een icoon uitgroeide, stopten trainingen en wedstrijden spontaan. Tijdens een oefenpartij bij De Toekomst liep assistent-trainer Hennie Spijkerman het veld op om het team op de hoogte te brengen; de spelers hielden direct op met spelen. Algemeen directeur Edwin van der Sar sprak die middag namens de club over de schok en het verlies. Vlaggen werden halfstok gehangen en er verscheen een compilatie met hoogtepunten van Cruijffs loopbaan.
In Amsterdam ontstond meteen een spontaan monument bij het huis in de Akkerstraat waar Cruijff tot zijn twaalfde had gewoond: bloemen, een bal en handgeschreven boodschappen -- kleine, persoonlijke eerbetonen die ook elders opvielen. In Barcelona werden bloemen gelegd bij het beeld voor Camp Nou; spelers en clubleiders daar bogen zich in een minuut stilte en erkenden Cruijffs grote invloed op het succes en de speelstijl van FC Barcelona. Kenmerkende kleine details, zoals de lolly die Cruijff vaak in zijn mond had als vervanging voor een sigaret, verschenen als symbolen in de rouwbetoonrituelen.
De reacties reikten ver buiten voetbal: talkshows en actualiteitenprogramma’s besteedden uren aan herinneringen en analyses, voormalige ploeggenoten als Sjaak Swart legden de nadruk op Cruijff als de beste Nederlandse voetballer aller tijden, en kranten wereldwijd publiceerden uitgebreide portretten — met hier en daar productie- en fotofouten door de haast rond de deadlines. Ook ging de discussie over de naam van Ajax’ stadion weer lopen; binnen enkele jaren veranderde de voorspelling van sommigen in realiteit: het stadion kreeg uiteindelijk de naam Johan Cruijff ArenA.
Tegelijk met de rouw tekende zich Cruijffs blijvende nalatenschap af: zijn invloed op speelstijl, training en clubcultuur leeft voort, zowel in Amsterdam als in Barcelona. Jordi Cruijff, die aanwezig was bij het sterfbed en later bij Ajax werkzaam werd als technisch directeur, heeft sindsdien herhaaldelijk gezegd dat zijn vader fysiek weg is maar dat diens invloed nog steeds voelbaar is — een sentiment dat die eerste dag van rouw en eerbetoon wereldwijd werd bevestigd.