Nu minister Brouns een watercommissaris zoekt: wanneer en waarom is zo'n commissaris nodig?

dinsdag, 9 juni 2026 (18:04) - VRT Nieuws

In dit artikel:

Vlaams minister van Omgeving Jo Brouns (CD&V) wil een watercommissaris aanstellen om de Vlaamse waterkwaliteit tegen 2028 te brengen naar het strenge Europese peil. Die stap moet de aanpak versnellen, maar roept vragen op: is zo’n commissaris écht de oplossing of schuift de politiek verantwoordelijkheden door? Professor bestuurskunde Bram Verschuere (KU Leuven) geeft een genuanceerd oordeel.

Commissarissen verschijnen volgens Verschuere vaak bij complexe en politiek beladen dossiers — denk aan corona, opvang van Oekraïense vluchtelingen of het stikstofdossier — maar het Vlaamse waterprobleem is eerder een structurele dan een acute crisis. Vlaanderen zit vast aan Europese doelen die nog ver verwijderd zijn, waardoor extra machts- en coördinatiekracht wenselijk is.

Waterbeleid omvat uiteenlopende domeinen (beheer, zuivering, rioleringen) en veel actoren: de Vlaamse overheid, lokale besturen, watermaatschappijen, maar ook landbouw en industrie. Verschuere ziet een watercommissaris vooral als bruggenbouwer: iemand die versnipperde kennis en taken samenbrengt, impasses doorbreekt en gemeenschappelijke, uitvoerbare doelen formuleert. Het kabinet van Brouns heeft wel expertise, maar die is vaak verspreid; een overkoepelende coördinator kan die kennis bundelen en uitvoering afdwingen.

De rol moet praktisch zijn: niet nog een studie, maar het uitvoeren van bestaande aanbevelingen. Het eindrapport van de klankgroep rond professor Hans Bruyninckx bevat volgens Verschuere al voldoende concrete voorstellen waar de commissaris op kan voortbouwen. Cruciaal wordt het evenwicht tussen politieke nabijheid (rapporteren aan de minister) en voldoende onafhankelijkheid om geloofwaardig te zijn voor alle betrokkenen.

Of Brouns hiermee verantwoordelijkheid doorschuift, blijft een terechte zorg. Verschuere oordeelt echter dat het waarschijnlijk een oprechte poging is om een ingewikkelde bestuurlijke structuur te stroomlijnen. De huidige organisatie van waterbeleid is volgens hem zelf een groot deel van het probleem — een commissaris kan dat proces versnellen als hij effectief mandaat en onafhankelijkheid krijgt.