NU+ | Hoe daklozen de winter doorkomen: 'In augustus al erg koud in de avond'
In dit artikel:
In Amsterdam is de winter voor mensen zonder vaste woonplaats extra hard: buiten slapen brengt levensgevaarlijke kou en gladheid met zich mee, terwijl de opvanglocaties overbelast raken. Bij De Kloof, een van de twaalf inloophuizen van De Regenboog Groep, is het aantal bezoekers in korte tijd verdubbeld van gemiddeld zo’n 45 naar rond de 90 per dag. Daardoor neemt drukte, gebrek aan privacy en spanning om plekken en eten toe.
De tekst volgt twee bezoekers: Rick Webb (70), een Canadees die sinds 1999 in Nederland woont en ooit als computerexpert werkte, raakte door technologische veranderingen zijn klanten kwijt en belandde op straat. Hij slaapt nu in een kamertje bij De Kloof en probeert winters slim te overleven: meerdere lagen kleding, thermisch ondergoed en strategisch plannen waar en wanneer je terechtkunt voor maaltijden en warme plekken. Door prostaatproblemen heeft hij bovendien vaak dringend een toilet nodig; in de winter zijn openbare toiletten vaker buiten gebruik, wat zijn situatie verergert. Om overdag warm en droog te blijven gaat Rick veel naar de bioscoop met een Cineville-pas die hij van een vriendin kreeg.
Charlie Rafaelm, al veertien jaar dakloos, illustreert een andere kant: hij vindt de hygiëne en organisatie in sommige nachtopvangs slecht — koude, smerige toiletten, losliggende tegels en soms geen toiletpapier — en trekt daarom soms de kou in om buiten te slapen, waar hij meer rust ervaart dan in drukke instellingen. Beide mannen signaleren ook concrete gevaren: gladde bruggen en ijs veroorzaken valpartijen, en natte kleding maakt de kou extra gevaarlijk.
Coördinator Jessica Hoogenboom benadrukt dat de winterdruk voor daklozen vaak eerder begint en langer duurt dan het publiek denkt: wat voor veel mensen pas merkbaar wordt in december, voelt voor daklozen al in de late zomeravonden als koud en zwaar. De aandacht in de maatschappij richt zich meestal op sneeuwperiodes, terwijl ook ‘droge’ koude maanden veel leed brengen.
De Regenboog Groep houdt haar deuren open en biedt maaltijden, schuilplekken en soms kleding, maar de toenemende vraag legt de beperkingen van het systeem bloot: beperkte capaciteit, strikte tijdschema’s voor maaltijden en hygiëneproblemen vragen om meer structurele aandacht voor veilige, toegankelijke opvang en voorzieningen gedurende het hele jaar.