Nu de Airbnb-gast niet uit de woning wil, woont de verhuurder in het fietsenhok

dinsdag, 30 december 2026 (18:49) - NRC Handelsblad

In dit artikel:

Een eigenaar van een eengezinswoning in Heerhugowaard eiste via een kort geding bij de kantonrechter in Alkmaar dat een gezin de woning verlaat. De man verhuurt zijn huis geregeld via Airbnb omdat hij vaak langere tijd in Ethiopië verblijft; sinds april huurt een vader met zijn drie kinderen (12, 16 en 18) twee kamers in het huis. Aanvankelijk was er een Airbnb-overeenkomst voor april–augustus, maar die werd na een maand via het platform ontbonden en vervolgafspraken werden mondeling gemaakt. Voor 1.800 euro per maand woonden zij in twee slaapkamers en deelden ze woonkamer, keuken en badkamer met andere huurders; die medebewoners zijn inmiddels vertrokken.

Sinds september verlangt de eigenaar zijn woning terug. In de zitting zaten de verhuurder, zijn zoon en hun advocaat tegenover de huurder en zijn meerderjarige zoon (zonder advocaat). De verhuurder stelt dat het om een tijdelijke huurovereenkomst ging die inmiddels is geëindigd en betoogt dat hij recht heeft in zijn eigen woning te wonen. De huurder ontkent de stellingnames en noemt die “volledige onzin”; hij zegt niet expres te willen blijven maar vindt geen alternatief. Hij hoopt via huisurgentie in februari een sociale woning te krijgen. Financieel verdient hij ongeveer 600 euro per week, wat volgens de rechter onvoldoende is om makkelijk in de vrije sector te huren.

De verhoudingen escaleerden: de politie is meerdere keren langs geweest en er is een deurwaarder geweest. De verhuurder woont inmiddels in een klein vertrek in het huis en klaagt over beschadigingen en een onveilig gevoel. De kantonrechter gaf aan dat het moeilijk is vast te stellen wat precies is afgesproken en welk bewijsmateriaal daarvoor bestaat. De advocaat van de verhuurder stelde als praktische compromis voor om 1 maart als ontruimingsdatum vast te leggen zodat beide partijen weten waar ze aan toe zijn; dat aanbod wees de huurder af en hij vroeg de rechter zelf te beslissen.

De uitspraak is uitgesteld tot 13 januari. Als aanvullende context: situaties waarin woningen via platformen als Airbnb worden verhuurd en de verblijfduur onduidelijk blijft, leiden in Nederland regelmatig tot juridische conflicten omdat de rechter moet bepalen of er sprake is van een tijdelijke huurovereenkomst of dat (beschermde) huurrechten zijn ontstaan — een afweging die extra zwaar weegt wanneer minderjarige kinderen betrokken zijn.