NRC kraakt stikstofrapport, terwijl rechtse Kamerleden juist kansen zien
In dit artikel:
NRC publiceerde een kritisch stuk over het recente stikstofrapport van hoogleraar Ronald Meester, dat staatssecretaris Jean Rummenie (BBB) liet opstellen. De krant benadrukt vooral de weerstand binnen ministeries en gevestigde instituten en concludeert dat het onderzoek wetenschappelijk zwak en politiek gestuurd zou zijn, hetgeen mede leidde tot afwijzing door het kabinet. Buiten die Haagse beleidsbubbel krijgt het rapport echter ruime bijval, vooral vanuit rechtse politieke geledingen en onder boeren, provincies en adviesbureaus.
Meester formuleert een fundamentele kritiek: Nederland leunt te sterk op rekenmodellen die volgens hem niet bedoeld zijn om individuele vergunningen juridisch te legitimeren. Hij wijst erop dat onzekerheden niet voldoende worden meegewogen en dat het huidige systeem leidt tot ingrijpende gevolgen voor boeren en bedrijven. Rummenie gaf expliciet ruimte voor een afwijkende wetenschappelijke blik omdat het dossier volgens hem vastgelopen was; dat wekte op zijn beurt wantrouwen bij ambtenaren.
In de media en bij overheidsinstanties wordt Meesters werk veelal afgedaan als politiek gemotiveerd of lobby-gedreven. Meester zelf en zijn aanhangers vinden dat kritiek op rechtszekerheid, proportionaliteit en wetenschappelijke onzekerheid te weinig wordt besproken. Kamerlid Diederik Boomsma (JA21) noemt het rapport relevant en pleit ervoor modellen niet te gebruiken als bewijs voor individuele vergunningweigeringen; vergelijkbare geluiden kwamen van FVD-Kamerlid Lidewij de Vos die spoedige behandeling in de Kamer vroeg.
Een belangrijk inhoudelijk twistpunt is de omgang met risico’s: waar andere EU-landen stikstof vaak als afwegingsfactor zien, hanteert Nederland strikte juridische grenzen. Hoewel het kabinet het rapport formeel terzijde schoof, leeft het breed onder stakeholders en legitimeert het voor veel rechtse partijen de conclusie dat het stikstofbeleid juridisch en politiek toe is aan herziening. Instellingen als het RIVM reageren voorzichtig om verdere polarisatie te vermijden.