NOS-commentator Jan Roelfs over zijn laatste WK: 'Ik denk dat mijn stijl en toon passen bij Oranje'

zaterdag, 6 juni 2026 (03:31) - Het Parool

In dit artikel:

Jan Roelfs (63), routinier bij de NOS sinds 2002 en vooral bekend als commentator bij voetbal en tennis, staat aan de vooravond van zijn laatste WK. Omdat de omroep moet snijden in de kosten, zal Roelfs—net als veel collega’s—niet bij alle wedstrijden aanwezig zijn. De FIFA-editie in de Verenigde Staten, Canada en Mexico telt 104 duels; de NOS zendt ze allemaal uit, maar bezet slechts 26 wedstrijden met verslaggevers in de stadions. De overige wedstrijden worden live van commentaar voorzien vanuit een studio in Dallas of hoofdzakelijk vanuit Hilversum. Roelfs begint op het Mediapark en vliegt later naar de VS, maar zijn toernooi duurt tot de achtste finales.

Privé bereidt Roelfs zich zorgvuldig voor: hij zwemt en tennist om fit aan het toernooi te beginnen en werkt zich in de weken voorafgaand grondig in—beelden analyseren, oefenduels bezoeken en spelerslijsten bestuderen. Emotioneel noemt hij het naderende afscheid “weemoed” maar ook dankbaarheid over alles wat hij heeft meegemaakt en gezien. Hij benadrukt dat hij het niet passend vindt om na zijn pensioen te blijven pushen; jongere collega’s moeten ook kansen krijgen.

De bezuinigingen leidden tot felle interne discussie op de sportredactie. Roelfs erkent dat de keuze hard was en dat commentatoren meer ter plekke hadden verwacht. Tegelijk vindt hij het begrijpelijk gezien de logistieke last van een WK met meer teams en extra nachtwedstrijden. Hij voelt zich bevoorrecht dat hij wél kan gaan, terwijl namen van gerenommeerde collega’s zoals Frank Wielaard en Philip Kooke thuisblijven.

Roelfs profileert zich als sfeercommentator: hij levert graag meer dan alleen technische analyse en schetst het lokale decor, de emoties op de tribunes en de ambiance rondom een wedstrijd. Dat fysieke contact met het stadion zal hij missen bij de wedstrijden die hij vanuit Hilversum moet doen. “Met de trein naar Hilversum is toch een heel andere beleving dan met een toernooiauto naar het stadion,” zegt hij, en hij voorziet dat nachtdiensten op het Mediapark lastiger voor hem worden omdat hij geen avondmens is.

Politiek geladen thema’s rond het toernooi — zoals de rol van Donald Trump bij de organisatie en de discussie over de deelname van Iran — zullen volgens Roelfs onvermijdelijk terugkomen in de verslaggeving. Hij voelt sympathie voor Iraanse vrienden en collega’s en overweegt daar soms iets over te zeggen tijdens duels met bijvoorbeeld Iran, maar wil de journalistieke toon zorgvuldig houden. Daarnaast wijst hij erop dat voor veel migranten in de VS dit WK enorm veel betekent; voor hen is voetbal een uitlaatklep en een bron van verbondenheid.

Roelfs zal dit WK niet de wedstrijden van Oranje doen; die taak is bij andere Studio Sport-commentatoren gekomen. Hij zegt er niet wakker van te liggen, al had hij ambitie om Oranje te verslaan. Mogelijke redenen noemt hij imago‑overwegingen of dat anderen simpelweg beter pasten in de redactionele keuze. Hij relativeert: carrière is niet alles en openheid naar collega’s blijft belangrijk.

Over de interne cultuur binnen de NOS-sportredactie spreekt Roelfs genuanceerd: er is lang gedebatteerd over een harde redactiecultuur, maar er zijn ook duidelijke verschuivingen en kansen voor jongere medewerkers. Hij benadrukt dat je jezelf moet willen profileren en bereid zijn extra tijd te steken in het vak; journalistiek is volgens hem “een way of life.” Hij geeft toe dat hij zelf bezig is om feedback zorgvuldiger en collegiaal te geven.

Tactisch en zakelijk plaatst Roelfs het grote plaatje: bezuinigingen en logistieke keuzes zijn realiteit bij zo’n uitgebreid WK en andere zenders passen zich ook aan. Sportief verwacht hij dat Frankrijk favoriet is, maar dat teamspirit en energie uiteindelijk het verschil maken—een les die hij herinnert aan zijn ervaring als teammanager van Zuid-Korea in 2002. Voor Roelfs persoonlijk wordt het een laatse, beladen maar dankbare tournee: hij wil vooral nog één keer de sfeer en emoties overbrengen die zijn signatuur als commentator gevormd hebben.