Noordzeelanden willen gezamenlijke windmolenparken bouwen
In dit artikel:
Energiministers van België, Denemarken, Frankrijk, Duitsland, Ierland, Luxemburg, Nederland, Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk hebben maandag in Hamburg afgesproken dat landen gezamenlijk grensoverschrijdende windparken in de Noordzee moeten kunnen bouwen, met verbindingen naar meerdere landen. Doel is van de Noordzee “s werelds grootste schakel voor duurzame energie te maken: eerder is afgesproken om uiterlijk 2050 zo'n 300 gigawatt aan offshorevermogen te bereiken. De ministers noemen grensoverschrijdende projecten de hoeksteen en zetten in op 100 gigawatt daarvan, met een eerste gezamenlijke ontwikkeling van 20 gigawatt al in 2027.
De overeenkomst komt ondanks toenemende problemen om ontwikkelaars aan te trekken; Nederland zag onlangs geen belangstelling voor een subsidievrije locatie en heeft zijn offshore-ambities al naar beneden bijgesteld. Om projecten haalbaar te maken willen de landen bij de Europese Commissie en de Europese Investeringsbank lobbyen voor financiering en snellere vergunningstrajecten. Ook is er zorg over de veiligheid van onderzeese stroomkabels; regeringsleiders bespreken zowel de digitale als fysieke bescherming van de Noordzeeinfrastructuur.