Nog geen verbetering: veel leerlingen lopen achter met lezen, schrijven en rekenen
In dit artikel:
De Onderwijsinspectie signaleert aanhoudende problemen in het Nederlandse onderwijs: vooral rekenen en wiskunde op het vmbo vertonen verslechtering, terwijl op het mbo de resultaten voor het centraal examen Nederlands teruglopen. Volgens de inspectie verlaat ongeveer een derde van de mbo niveau-1 leerlingen het onderwijs met een ontoereikend taalniveau; onder mbo niveau-4 gediplomeerden ligt dat aandeel zelfs rond 38 procent.
Twee jaar geleden toonde een steekproef onder 225 scholen al dat meer dan één op de vijf scholen onvoldoende presteerde; sindsdien is de situatie volgens het meest recente onderzoek nauwelijks verbeterd: nog steeds ongeveer twintig procent van de basis-, voortgezet- en speciaalonderwijsvestigingen blijft onder de maat. Inspecteur-generaal Alida Oppers omschreef het als "een somber beeld" en waarschuwde dat er nog geen duidelijke omslag zichtbaar is.
De inspectie pleit nadrukkelijk voor extra steun aan schoolleiders, die zij als cruciaal voor herstel en kwaliteitsverbetering ziet. Daarnaast wijst het rapport op sterke regionale verschillen in schooladviezen: in sterk stedelijke gebieden zoals de Randstad worden bij het verlaten van de basisschool vaker bijgestelde (hogere) adviezen gegeven (88 procent) dan in minder stedelijke gebieden (68 procent).
Die adviesverschillen hebben concrete gevolgen voor de onderwijsloopbanen van leerlingen: met eenzelfde toetsadvies belanden leerlingen in het noorden en oosten vaker op het vmbo-(g)t, terwijl vergelijkbare leerlingen in de Randstad vaker naar havo doorstromen. De inspectie suggereert dat deze ongelijkheid aandacht en gerichte maatregelen vereist om gelijke kansen en betere doorstroom te bevorderen.
Achtergrond: voormalig minister Mariëlle Paul kondigde eerder een herstelplan aan na de ongunstige steekproefresultaten; het huidige rapport laat zien dat deze plannen nog onvoldoende effect hebben gehad en dat gerichte verbeteringen—met name in begeleiding, ondersteuning van schoolleiders en aanpak van regionale ongelijkheden—nodig blijven.