Nieuwkomer op de Amsterdamse beurs betrokken bij NAVO-corruptieschandaal
In dit artikel:
Op 23 januari sloeg de 33‑jarige miljardair Michal Strnad de gong bij Euronext Amsterdam voor de beursgang van zijn verdediger Czechoslovak Group (CSG). De introductie was de grootste Europese IPO sinds Porsche (2022): de koers steeg die dag 32% en CSG kreeg een marktwaarde van ruim 30 miljard euro, waarmee Strnad persoonlijk zo’n drie miljard euro rijker werd.
Maar Follow the Money en partners achterhaalden dat CSG in de prospectus (728 pagina’s) niet expliciet heeft gemeld dat een Spaanse dochter, Fábrica de Municiones de Granada (FMG), sinds 31 juli 2025 door het NAVO‑inkoopagentschap NSPA is geschorst. Het NSPA‑document, waarover de media beschikken, spreekt van “ernstige aantijgingen” over mogelijke strafbare praktijken en onregelmatigheden bij contracttoewijzingen. De eerste schorsing was voor vier maanden ingesteld en later onbepaalde tijd verlengd; toen de maatregel inging had FMG minstens drie lopende NSPA‑contracten voor artilleriemunitie.
CSG‑woordvoerder Andrej Čírtek bevestigt de schorsing maar noemt die “ongefundeerd” en zegt dat een interne audit geen bewijs van wangedrag opleverde. FMG klaagt bovendien dat NSPA geen toelichting heeft gegeven en dat het zich gedwongen ziet te vertrouwen op berichtgeving in de media. Ondanks de NSPA‑uitsluiting kan FMG nog leveren aan individuele NAVO‑lidstaten — een belangrijke kanttekening nu de vraag naar munitie sinds de oorlog in Oekraïne sterk is toegenomen. CSG houdt vol dat de schorsing geen materiële impact heeft op de financiën of vooruitzichten, wel vreest het reputatieschade.
De Belgische openbare aanklager onderzoekt het corruptieonderzoek; zowel de NAVO als het OM weigerden commentaar op verzoeken van FTM. Beleggersvereniging VEB merkt op dat dit soort informatie van belang was geweest voor investeerders voorafgaand aan de beursgang.
Kortom: een zeer succesvolle Amsterdamse IPO van een grote defensiegroep blijkt gepaard te gaan met een weggelaten internationale controverse rond een dochterbedrijf en een lopend NAVO‑onderzoek, met mogelijke reputatie‑ en risico‑implicaties voor beleggers en publieke opdrachtgevers.