Nieuwe spons voor Nederland: de Knobbelspons

zondag, 18 januari 2026 (10:05) - NatureToday.nl

In dit artikel:

Duikers ontdekten in november 2024 in de Oosterschelde bij duiklocatie Plompe Toren een voor Nederland nieuwe sponzensoort: de Knobbelspons, wetenschappelijk Mycale contarenii. Mick Otten zag op ongeveer 16 meter diepte een tiental sponzen die qua uiterlijk sterk afweken van de bekende Roze slijmspons: ze waren 10–30 cm groot, vrij massief, met kegelvormige lobben of langgerekte uitsteeksels en verspreid kleine knobbeltjes. Er werd gefotografeerd en een monster meegenomen voor nader onderzoek.

Duikgenoot Mikkel Suijker bestudeerde de sponsnaaldjes (spicula) en concludeerde dat het niet om de in Nederland bekende Gele aderspons (Mycale micracanthoxea) ging. Met een elektronenmicroscoop — beschikbaar gesteld door Consistence Microstructure Research Laboratory — en de bevestiging van sponzenexperts Rob van Soest en Nicole de Voogd (Naturalis) bleek in het materiaal geen micracanthoxea voor te komen; dat kenmerk ontbreekt bij M. contarenii en onderscheidt deze soort. De spons is lichtroze tot vuilbruinwit, grof gerimpeld, met rafelige binnenstructuur en geeft geen slijm af (in tegenstelling tot de Roze slijmspons).

Sponzen spelen een belangrijke ecologische rol als extreem efficiënte filteraars en vormen via hun uitwerpselen voedsel voor andere organismen; ze bestaan al honderden miljoenen jaren. Mycale contarenii komt van nature voor van de Britse eilanden tot de Golf van Guinee en in de Middellandse en Zwarte Zee, van de lage getijdenzone tot circa 37 meter diepte, op rotsen, schelpen, wieren en andere harde substraten. De soort lijkt een voorkeur te hebben voor beschutte plekken met geringe stroming; Plompe Toren heeft juist relatief veel stroming, en bij vervolgduiken werd de soort daar nog niet opnieuw aangetroffen.

De vondst is gedocumenteerd in een artikel in Het Zeepaard (Strandwerkgemeenschap) en het team roept andere duikers op alert te zijn op deze spons in de Oosterschelde en elders. Dank gaat uit naar betrokken onderzoekers en instellingen die met elektronenmicroscopie en taxonomische expertise de determinatie bevestigden.