Nieuwe panelen Margraten met andere info onthuld: 'Begraafplaats is geen museum'
In dit artikel:
De Amerikaanse ambassade heeft twee vervangende informatiepanelen voor de Amerikaanse begraafplaats in Margraten onthuld; één paneel wordt morgen in het bezoekerscentrum geplaatst, het andere — een digitaal scherm — volgt later. De onthulling vond plaats op de ambassade in Den Haag en werd toegelicht door ambassadeur Joe Popolo, schrijver Robert Edsel en ABMC-directeur Thomas Spoehr. De ABMC beheert 26 Amerikaanse begraafplaatsen in het buitenland.
Achtergrond is een felle ruzie die eind vorig jaar ontstond toen ABMC twee panelen weghaalde die onder meer de rol van zwarte soldaten in de Tweede Wereldoorlog en het racisme dat zij ondervonden, belichtten. De verwijdering gebeurde enkele maanden na het aantreden van president Trump en riep verontwaardiging op in Nederland en onder Amerikaanse veteranen; veteraan Robert Gray sprak van "totale ontering". De provincie Limburg drong bij ambassadeur Popolo aan de panelen terug te plaatsen.
De nieuwe panelen wijken inhoudelijk af van de oorspronkelijke borden. Een paneel dat vroeger expliciet over segregatie in het leger en de context van het werk van zwarte militairen schreef, noemt segregatie niet meer; het vermeldt wel dat zwarte Amerikanen hielpen bij de aanleg van de begraafplaats, maar zonder de eerdere historische toelichting. Het digitale paneel richt zich op tien omgekomen militairen, onder wie twee van Afro-Amerikaanse afkomst.
Spoehr verklaarde dat dit een bewuste keuze is: "Een bezoekerscentrum op een begraafplaats is geen algemeen historisch museum", zei hij, en dat de ABMC zich wil richten op het verhaal van individuele soldaten en hun offers. Hij ontkende dat het beleid van president Trump de beslissing heeft gestuurd en stelde dat het een interne keuze was van een eerdere ABMC-leiding, verwijzend naar voormalig voorzitter Charles Djou, die kort na het incident vertrok. Critici zien in de nieuwe formulering een verschraling van de context rond ras en segregatie, en de discussie over hoe oorlogsgeschiedenis inclusief moet worden verteld blijft daarmee onopgelost.