Nieuwe EU-ketenregels dreigen inflatie aan te jagen en mkb te vernietigen
In dit artikel:
De EU voert vanaf 2026–2027 twee ingrijpende transparantieregels in die keteninformatie verplicht stellen voor veel producten: de Europese Ontbossingsverordening (EUDR) voor landbouwgrondstoffen en het Digitaal Productpaspoort (DPP) voor niet-voedingsproducten. Beide zijn afgeleiden van de Europese Green Deal en hebben als doel ontbossing, milieuvervuiling en illegale productie tegen te gaan door herkomst- en duurzaamheidsdata te verplichten.
EUDR: wat en voor wie
- Vanaf 30 december 2026 gelden strenge eisen voor middelgrote en grote bedrijven (criteria: vanaf circa 250 werknemers en/of een balanswaarde van ~25 mln euro en/of omzet ~50 mln euro); kleine en micro-ondernemingen moeten vanaf 30 juni 2027 voldoen.
- De verordening richt zich op zeven grondstoffen en afgeleide producten: vee, cacao, koffie, palmolie, rubber, soja en hout.
- Importeurs en verkopers richting de EU moeten onder meer de productielocatie kunnen aantonen, bewijs leveren dat er geen ontbossing heeft plaatsgevonden, aantonen dat productie legaal was in het land van herkomst en een due diligence-verklaring indienen vóór markttoegang.
Gevolgen volgens externe studies
- Diverse onderzoeken, waarnaar het artikel verwijst, voorspellen grote economische bijwerkingen: veel landbouwproducenten in Afrika (geschat 80%) zouden niet meteen aan de eisen kunnen voldoen en daardoor zijn afgezonderd van handel met EU-partners.
- Schaarste en hogere compliancekosten zouden leiden tot sterk oplopende inkoopprijzen; veel kleinere Europese importeurs kunnen die lasten niet dragen en dreigen failliet te gaan, met consolidatie door multinationals tot gevolg.
- Specifiek voor cacao wordt het praktisch lastig: grootschalige bulkleveringen bestaan uit bonen van tienduizenden afzonderlijke boerderijen, waarmee volledige herkomstverificatie zeer complex is.
- Verwachte neveneffecten zijn prijsstijgingen binnen de EU (projecties in studies: +10–30%), minder consumptie, verplaatsing van niet-verkopte goederen naar markten buiten de EU tegen lage prijzen, en beperkte mondiale effecten op ontbossing. Ook zouden administratieve lasten landbouwers kunnen dwingen productportfolio’s te versmallen, waardoor consumentenkeuze afneemt.
DPP: wat verandert voor non-food
- Het Digitaal Productpaspoort, dat vanaf 2027 stapsgewijs wordt opgelegd, vereist voor veel textiel-, meubel- en elektronicaproducten een digitaal dossier met materiaalherkomst, geverifieerde duurzaamheidsgegevens en recyclinginstructies. Elk artikel krijgt een unieke identificatiecode om de levenscyclus traceerbaar te maken.
- Dit vraagt aanzienlijke investeringen in logistieke systemen, ICT en data-management bij retailers en fabrikanten.
Kostenplaatje en economische impact
- Ramingen in het artikel noemen jaarlijkse automatiseringskosten voor software van circa €10.000–15.000 voor kleine mkb-bedrijven, €15.000–50.000 voor middelgrote ondernemingen en €100.000–500.000 voor grote spelers, exclusief extra transport-, opslag- en administratieve kosten.
- Samen zouden EUDR en DPP jaarlijks voor tientallen miljarden euro’s extra kosten in de EU zorgen, waarvan een deel op bedrijven drukt en een deel via hogere prijzen bij consumenten terechtkomt.
Context en debat
- De regels zijn onderdeel van EU-beleid om milieu- en klimaatdoelen te realiseren en duurzame inkoop te bevorderen. Kritiek richt zich vooral op het onvoldoende in kaart brengen van financiële gevolgen door de Commissie en op de praktische uitvoerbaarheid en gevolgen voor handelsrelaties met landen die niet dezelfde eisen hanteren.
- De aangekondigde deadlines betekenen dat producten die niet aan de nieuwe eisen voldoen na de respectieve data niet meer op de EU-markt mogen worden gebracht of geëxporteerd.
Kortom: de EUDR en het DPP willen duurzaamheid en transparantie afdwingen, maar roepen sterke zorgen op over haalbaarheid, kosten en onbedoelde economische effecten, vooral voor kleine bedrijven en leveranciers in producentenlanden.