Nieuw front in Iran-oorlog legt de zwakte van Hezbollah bloot
In dit artikel:
Israël voert voor de tweede dag op rij een grootschalig offensief tegen Hezbollah: grondtroepen rukken zuidelijk Libanon binnen en de luchtmacht bombardeert in Beiroet gebouwen waarvan Israël zegt dat daarin Hezbollah-leiders schuilen. Het geweld volgt op eerdere massale bombardementen door Israël en de VS tegen Iran, die afgelopen weekend begonnen; Hezbollah mengde zich in de strijd nadat volgens berichten de Iraanse opperste leider Khamenei was gedood en vuurde daarna drones en raketten richting Haifa af.
Israël gebruikte die aanval als aanleiding voor een uitgebreide tegenactie. De luchtmacht zegt tientallen wapenopslagplaatsen en lanceerinstallaties van Hezbollah te hebben vernietigd en richt zich ook op kantoren van de bank Al-Qard al-Hassan, die cruciaal is voor de betaling van Hezbollah-strijders. Het Institute for the Study of War meldt dat zowel militaire als politieke kopstukken doelwit zijn. Hezbollah zelf meldt aanvallen op Israëlische bases bij Ramat David, Meron en op de Golanhoogten.
Analisten stellen dat Hezbollah na eerdere tegenslagen in de regio minder weerbaar is. Rosa Stel (Radboud Universiteit) noemt de reactie van Hezbollah “behoorlijk halfslachtig”: veel vuurwerk leek geen directe bedreiging op te leveren en er vielen aanvankelijk geen slachtoffers binnen Israël. Tegelijkertijd wordt onderstreept dat de aanslag op Khamenei voor de sjiitische beweging een grens overschreed en onduidelijk is of de acties vanuit Teheran zijn gecoördineerd of door hardliners in Libanon zijn besloten.
De gevolgen in Libanon zijn groot: de VN schat dat minstens 30.000 mensen zijn ontheemd en Beiroet meldt tientallen doden door de Israëlische vergeldingen. Binnen Libanon groeit de verontwaardiging — niet alleen richting Israël, maar ook ten opzichte van Hezbollah. De regering van premier Salam heeft na de aanvallen een historische stap gezet door alle militaire activiteiten van Hezbollah te verbieden en riep Israël op de bombardementen te staken. Internationaal wordt eveneens aangedrongen op ontwapening; de regering moet volgens afspraken zorgen dat Hezbollah zijn wapens inlevert en een politieke organisatie wordt.
Toch blijft dat politiek lastig, omdat Hezbollah veel aanhang heeft. Waarnemers denken dat de groepering mogelijk zijn hand heeft overspeeld, waardoor het geduld van de regering is afgenomen en een versnelde ontwapening nu reëler lijkt — maar de situatie kan nog escaleren zolang Israël, Hezbollah en hun externe sponsoren elkaar blijven bestrijden.