Nederlandse politie rolt netwerk op van mannen die vrouwen drogeren en verkrachten: beelden circuleerden in besloten chatgroepen

donderdag, 4 juni 2026 (10:04) - VRT Nieuws

In dit artikel:

De Nederlandse politie onderzoekt een netwerk van mannen dat vrouwen zou hebben gedrogeerd, seksueel misbruikt en het handelen gefilmd en verspreid in besloten chatgroepen. Het onderzoek, waarbij de Nederlandse autoriteiten op aanwijzingen van Duitse en Britse collega’s uitkwamen, leidde tot acht verdachten (21–51 jaar) in verschillende plaatsen in het midden en zuiden van Nederland. Vier van hen — uit Horst aan de Maas, Hulst, Sint Willebrord en Sassenheim — zijn inmiddels aangehouden en verhoord; meer arrestaties worden niet uitgesloten.

De verdachten maakten deel uit van besloten onlinegroepen waar illegaal verkregen materiaal van mogelijk gedrogeerde slachtoffers circuleerde. Sommige mannen worden ervan verdacht zelf filmpjes te hebben gemaakt en gedeeld; anderen zouden vrouwen hebben gedrogeerd met als gevolg (poging tot) verkrachting. Bij huiszoekingen werden telefoons, computers, verdovende middelen, wapens en andere bewijzen in beslag genomen.

Hoeveel slachtoffers er zijn en wie de vrouwen op de beelden zijn, is nog onduidelijk. Onderzoek naar de aangetroffen apparaten moet dat uitwijzen; het is mogelijk dat beelden van partners afkomstig zijn of elders zijn gemaakt, aldus een woordvoerder van het landelijke zedenteam. De zaak wordt gezien als een DFSA‑zaak (drug‑facilitated sexual assault), waarbij middelen als GHB, Rohypnol of slaapmiddelen gebruikt worden. Zulke middelen onderdrukken het zenuwstelsel en veroorzaken vaak geheugenverlies, waardoor slachtoffers weinig of niets van het misbruik herinneren.

Politie en slachtofferhulp benadrukken de grote impact: het besef dat iemand die je kent je mogelijk heeft gedrogeerd en verkracht "zet je leven volledig op zijn kop", zegt een medewerker van het Team Seksuele Misdrijven. Het Centrum Seksueel Geweld waarschuwt dat de onzekerheid tijdens het onderzoek zwaar weegt en dat er direct hulp klaarstaat voor slachtoffers.

De zaak roept parallellen op met eerdere onthullingen over zogenaamde ‘verkrachtingsacademies’ en extreme gevallen zoals die van Gisèle Pelicot in Frankrijk, maar onderzoekers benadrukken dat er vooralsnog geen aanwijzingen zijn dat Nederlandse slachtoffers door grote groepen verschillende mannen werden misbruikt; dat onderdeel wordt wel onderzocht.