Nederland wil conversietherapie verbieden; deze tien Europese landen deden dat al
In dit artikel:
Acht EU-lidstaten hebben inmiddels een nationaal verbod op conversiepraktijken ingevoerd: Malta (2016), Duitsland (2020), Frankrijk (2022), Griekenland (2022), Spanje (2023), België (2023), Cyprus (2023) en Portugal (2024). Ook IJsland en Noorwegen verboden dergelijke praktijken buiten de EU. De inhoud en strafmaat verschillen sterk: Portugal en Noorwegen hanteren brede definities en kennen gevangenisstraffen tot respectievelijk vijf en zes jaar, België voegde een beroepsverbod van maximaal vijf jaar toe, terwijl Spanje een bestuurlijke aanpak koos met boetes tot €150.000 en de mogelijkheid tot sluiting van instellingen.
Een grootschalig onderzoek van vakbond- en belangenorganisatie ILGA onder ruim 100.000 lhbti+-respondenten laat zien dat gemiddeld een kwart ooit is blootgesteld aan pogingen om hun seksuele geaardheid of genderidentiteit te veranderen. Het onderzoek rekent ook religieuze rituelen, gebed, medicatie en fysiek of verbaal geweld tot die praktijken — een veel ruimere definitie dan veel nationale wetten gebruiken.
Praktische rechtszaken blijven zeldzaam. In Malta werd de evangelische spreker Matthew Grech in 2026 vrijgesproken van het aanprijzen van conversietherapie; naar aanleiding daarvan is de Maltese wet inmiddels aangescherpt zodat ook reclame voor dergelijke therapieën strafbaar is. Lhbti-organisaties dringen aan op bredere, duidelijkere definities zodat ook informele consulten en met toestemming gegeven therapieën onder een verbod vallen.
De Europese Commissie wil volgend jaar een aanbeveling doen om lidstaten aan te sporen conversietherapie te verbieden, maar bindende EU-wetgeving is lastig omdat familie- en strafrecht nationale bevoegdheden zijn.