Nederland werkte mee aan politieke EU-censuur voor Tweede Kamerverkiezingen
In dit artikel:
Nieuw vrijgegeven Amerikaanse overheidsdocumenten tonen dat de Nederlandse overheid via Europese kanalen en eigen ministeries betrokken was bij afspraken met sociale‑mediaplatforms over het verwijderen en beperken van politieke content. De stukken, gepubliceerd door de Justitiecommissie van het Huis van Afgevaardigden begin 2025 als onderdeel van “The EU Censorship Files, Part II”, bevatten interne communicatie tussen platforms en Europese toezichthouders en schetsen hoe EU-beleid in de praktijk uitpakte.
De ontwikkeling begon rond 2015 met vrijwillige gedragscodes tegen desinformatie, maar volgens bedrijfs‑mails voelden platforms zich weinig vrij om af te wijken van wensen uit Brussel. Met de komst van de Digital Services Act (DSA) werden eisen juridisch afdwingbaar: platforms moeten risico’s voor het publieke debat beperken en lopen bij non‑compliance het risico op forse boetes. In de coronajaren versnelde de bemoeienis; EU‑leiders drongen er vanaf 2020 op aan dat platforms afwijkende corona‑ en vaccinatieberichten strenger aanpakten, en onder de zogeheten Disinformation Code vonden vanaf 2022 honderden bijeenkomsten plaats waarin snelle verwijdering van dergelijke content werd besproken.
De documenten onthullen ook extra toezicht rond verkiezingen. In minstens acht verkiezingen in zes EU‑landen vond vooraf overleg plaats over verscherpte moderatie in de dagen vóór de stembusgang. Nederland wordt expliciet genoemd: voorafgaand aan de Tweede Kamerverkiezingen 2023 besprak de Europese Commissie met TikTok mogelijke risico’s voor het verkiezingsproces. Het ministerie van Binnenlandse Zaken — destijds onder Hugo de Jonge — kreeg volgens de stukken de status van trusted flagger onder de DSA, wat meldingen van dat ministerie prioriteit gaf bij platforms. Daardoor kon een politieke instantie direct invloed uitoefenen op wat online zichtbaar bleef in een verkiezingsperiode. Gesignaleerde content ging onder meer over populistische uitingen, kritiek op de EU en het migratiebeleid, satire en memes.
De publicatie riep in Nederland felle reacties op: critici spreken van inmenging en aantasting van democratische regels. De stukken behandelen ook een Roemeense zaak (presidentsverkiezingen 2024) waar de rol van vermeende buitenlandse beïnvloeding werd betwijfeld. De Amerikaanse commissie wijst onder meer op bredere gevolgen: Europese regels zouden zelfs de vrije meningsuiting van Amerikanen beïnvloeden doordat platforms universeel beleid hanteren.