'Nederland voelde een beetje als een kinderdagverblijf, zo goed georganiseerd'

maandag, 1 juni 2026 (08:31) - Het Parool

In dit artikel:

In Debra Barrauds Humans of Amsterdam-portret vertelt een Argentijnse saxofonist over zijn keuze om in 2001 naar Amsterdam te komen voor een master jazz aan het Conservatorium van Amsterdam, samen met twee vrienden, Marcos en Patricio. Ze arriveerden in augustus 2001; enkele maanden later stortte Argentinië in een diepe politieke en economische crisis (met onder andere het beruchte 'corralito' waardoor spaarders hun geld niet konden opnemen). Dat contrast maakte Nederland aantrekkelijk: hier leek alles georganiseerd, veilig en werkbaar.

In het begin vonden hij en Marcos snel werk — ze kregen zelfs een vast contract bij een hotel waar ze het ontbijt verzorgden — iets wat in Argentinië toen bijna ondenkbaar was. Na de studie keerde Patricio terug naar Buenos Aires, maar de saxofonist en Marcos bleven in Amsterdam. Ze bouwden een eigen netwerk en speelden samen; inmiddels spelen ze al ruim 25 jaar samen. Door werk, vriendschappen, liefde en kinderen groeide het vertrekgedachte steeds lastiger.

Hij schetst ook het reilen en zeilen van de jazz- en improvisatiescene: het is zijn wereld, maar geen makkelijke. Inkomen is onzeker; succes hangt niet alleen van muzikaliteit af maar ook van de mensen om je heen. Daarom benadrukt hij het gemeenschapsgevoel binnen de scene: muzikanten helpen elkaar waar mogelijk. Muziek is voor hem geen rationele keuze maar een wezenlijk deel van zijn bestaan — "mijn leven is zo diep verbonden met muziek dat het bij me hoort" — en loslaten zou voelen als het verliezen van een arm.