Nederland moet zoetwater beter vasthouden
In dit artikel:
Nederland kampt met uitzonderlijke droogte, die voor vogels direct gevolgen heeft. Kleine zangvogels kunnen uitdrogen, terwijl het tekort aan water ook leidt tot minder insecten en vissen en het verdrogen van leefgebieden. Dichte sluizen die verzilting tegengaan, beperken bovendien de open waterverbindingen en geleidelijke overgangen die belangrijk zijn voor biodiversiteit.
Volgens Roef Mulder van Vogelbescherming wordt de situatie versterkt door klimaatverandering: naast langere droge perioden zijn er hogere temperaturen en meer zonuren, waardoor meer water verdampt. Ook de stijgende zeespiegel vraagt extra zoetwater en het watergebruik door bedrijven neemt toe. De traditionele inrichting van Nederland, waarbij water snel wordt afgevoerd om landbouwgrond bewerkbaar te houden, maakt het probleem groter.
Mulder pleit ervoor Nederland als een spons te laten functioneren. Door water in de winter vast te houden, grondwaterstanden te verhogen en meer natte natuur aan te leggen, kan water worden gebufferd voor droge perioden. Dat helpt onder meer moerasvogels en weidevogels, zoals de grutto, die in een vochtige bodem voedsel kan vinden. Ook groenblauwe dooradering met sloten, houtwallen en heggen en meer natuur in steden kunnen bijdragen aan verkoeling en biodiversiteit.
In gebieden waar verzilting niet met zoetwater kan worden bestreden, zoals langs delen van de Westerschelde, kan ander landgebruik ruimte bieden voor natuurherstel, waterveiligheid en recreatie. De oplossingen zijn volgens Mulder bekend; de grootste hindernis is bestuurlijke bereidheid. Water en bodem moeten leidend worden bij besluiten over landbouw, woningbouw en natuur, ook als dat betekent dat niet overal dezelfde functies kunnen blijven bestaan.
Vandaag Inside: Estavana Polman stellig over babynaam In de Wandelgangen: ‘Dat wordt het niet…’